WinSizeData
Duurzaam en succesvol ondernemen in de visketen

Inleiding

Nederland is nauw verbonden met vis. Vis betekent niet alleen voedsel, maar ook handel. De visserij vormt de eerste schakel in de visketen. Met die handel in haring, kabeljauw, walvistraan en later ook zalm werd de basis gelegd voor de Nederlandse welvaart. Op de schilderijen van Nederlandse schilders uit de 17e eeuw staan vele drukke vismarkten of zeegezichten met een zwaar wolkendek boven worstelende vissersbootjes in de branding. In die tijd werkten er naar schatting 450.000 mensen in de haringvisserij en -verwerking.

Zeegezicht met twee vissersschuiten en een roeibootje uit 1910. Het schip rechts ligt voor anker.

Zeegezicht met twee vissersschuiten en een roeibootje uit 1910. Het schip rechts ligt voor anker.Rijksmuseum

Met vis vangen en verwerken wordt nog steeds geld verdiend in Nederland. De Nederlandse visserijsector is alleen niet meer zo groot als vroeger. De hedendaagse gehele vissector heeft een omzet van zo’n 1 miljard euro en er werken ruim 11.100 mensen in de gehele visketen. Deze visketen bestaat uit de aanvoer, visverwerkende industrie, de toeleveranciers zoals aardolie- en machine-industrie, transportbedrijven, zakelijke dienstverlening en de distributiebedrijven rondom de export en de consumptie van vis.

De toegevoegde waarde van het totale visserijcomplex voor de Nederlandse economie is het laatste decennium vrij stabiel. Het ligt rond de 1 miljard euro, dat is circa 0,2% van de nationale toegevoegde waarde. Wageningen Economic Research

De visserij is dus nog steeds belangrijk. Maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat de manier waarop vissers nu werken nog hetzelfde is als vroeger. Onze kennis en technieken zijn sterk veranderd gedurende de tijd. Vroeger gebruikten vissers kleine schepen met zeilen, tegenwoordig zijn vissersschepen groter en hebben ze sterke motoren voor de voortstuwing. Door technische innovaties, zoals GPS (global positioning system), verbeterde vistechnieken en sonar kunnen vissers heel nauwkeurig geschikte visgebieden opzoeken, scholen vis opsporen en deze efficiënter vangen. Op deze manier werd de visserij steeds efficiënter en grootschaliger.

Het eerste schip van het Masterplan Duurzame Visserij (MDV), de Immanuel MDV 1 is in gebruik genomen na vijf jaar van samenwerken, ontwikkelen en bouwen. De MDV 1 is in juni 2015 overgedragen aan de eigenaren, de familie Romkes (UK-149) en Kramer (UK-202).

Het eerste schip van het Masterplan Duurzame Visserij (MDV). De Immanuel MDV 1 is in gebruik genomen na vijf jaar van samenwerken, ontwikkelen en bouwen. De MDV 1 is in juni 2015 overgedragen aan de eigenaren, de familie Romkes en Kramer. Masterplan Duurzame Visserij

Doordat we beter vis kunnen vangen dan vroeger, is de druk die vissers op visbestanden en ander zeeleven kunnen uitoefenen gedurende de eeuwen steeds groter geworden. Als je meer invloed hebt op een gezamenlijk gedeelde natuurlijke hulpbron, zoals vis, dan betekent dit dat je een toenemende verantwoordelijkheid hebt voor die hulpbron. Een manier om verantwoordelijk om te gaan met de invloed die je hebt als sector, of als ondernemer, is door duurzaam te werk te gaan.

1Duurzaamheid

Duurzaam betekent letterlijk lang durend of geschikt om lang te duren. Een huis van steen is duurzaam omdat het in principe lang zal blijven staan. Tegenwoordig spreken we vaak over duurzame landbouw, duurzame visserij of duurzaam ondernemen. Daar bedoelen we hetzelfde mee: vormen van landbouw, visserij en ondernemen die ook in de toekomst nog bestaan. Wereldwijd wordt er aandacht besteed aan duurzaamheid. Zo heeft de Verenigde Naties 17 Duurzame ontwikkelingsdoelstellingen opgesteld.

De Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDG's - Sustainable Development Goals) zijn een reeks doelstellingen voor toekomstige internationale ontwikkeling. Ze zijn opgesteld door de Verenigde Naties en worden gepromoot als de Wereldwijde doelstellingen voor duurzame ontwikkeling. Zij vervangen de Millenniumdoelstellingen die eind 2015 zijn vervallen. De SGD's zullen van 2015 tot 2030 van kracht zijn. Er zijn 17 doelstellingen en 169 specifieke doelen voor die doelstellingen.

De Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDG’s – Sustainable Development Goals) zijn een reeks doelstellingen voor toekomstige internationale ontwikkeling. Ze zijn opgesteld door de Verenigde Naties en worden gepromoot als de Wereldwijde doelstellingen voor duurzame ontwikkeling. Zij vervangen de Millenniumdoelstellingen die eind 2015 zijn vervallen. De SGD’s zullen van 2015 tot 2030 van kracht zijn. Er zijn 17 doelstellingen en 169 specifieke doelen voor die doelstellingen.Verenigde Naties

Iedere visser wil natuurlijk graag dat zijn kinderen en kleinkinderen later ook nog kunnen vissen. Duurzame visserij betekent dat vissers van nu daar rekening mee houden. Vissers kunnen door hun manier van vissen vandaag de dag op zo’n manier voor de zee en hun eigen bedrijf zorgen, dat hun kinderen en kleinkinderen in de toekomst ook nog van de zee kunnen genieten en een boterham in de visserij kunnen verdienen.

1.1Een evenwicht van mens, planeet en winst

Als je jouw bedrijf op een goede manier voor je kinderen wilt achterlaten, dan is het belangrijk om goed na te denken over wat dat in de praktijk betekent. Wat moet je doen? Dat is lastig, want er bestaat geen recept voor duurzaamheid. Als je duurzaam wilt werken, houd je rekening met wat er in de wereld om je heen gebeurt. De wereld en de maatschappij veranderen steeds, dus duurzaamheid heeft geen duidelijk eindpunt. Duurzaam werken is een manier van ondernemen, je continu aanpassen en inspelen op veranderingen. Het is onderdeel van het nadenken over je bedrijf.

Duurzaamheid betekent niet voor iedereen hetzelfde. Veel mensen praten er over, maar vaak bedoelen ze net iets anders. Shell bedoelt bijvoorbeeld met duurzame energie het zo zuinig mogelijk gebruiken van de olievoorraden in de wereld. Energiebedrijf Eneco vindt olie misschien helemaal niet duurzaam, maar wil graag andere vormen van energie gaan gebruiken, zoals windenergie, zonne- energie en biobrandstoffen. Misschien hebben ze allebei wel gelijk, het is maar net van welke kant je het bekijkt.

Belangrijk bij duurzame visserij zijn de woorden ‘verantwoord’ en ‘zorg’. Duurzaam vissen is verantwoord ondernemen, met zorg voor je bedrijf, zorg voor de aarde en de zee, zorg voor de vissers zelf en zorg voor de mensen waarmee we samenleven. Vaak hebben we het dan over aandacht voor de drie P’s – People, Planet en Profit (Mens, Planeet en Winst).

People

De People P staat voor mensen. Het gaat over goede werkomstandigheden, een veilige werkomgeving en goede arbeidsvoorwaarden voor de ondernemers en werknemers in de sector. Daarnaast gaat het ook over de visserijcultuur en traditie. De P van People staat ook voor mensen buiten de sector, voor de samenleving of maatschappij die de vis koopt en eet.

De P van People (mens).

De P van People (mens).ProSea

Zorg voor People betekent daarom veilig werken en netjes omgaan met je collega’s, maar ook zorgen voor voldoende draagvlak voor de visserij onder de samenleving.

Planet

De Planet P staat voor natuur en milieu. Het gaat over het behoud van de natuur, over planten, vissen en andere dieren in zee. Verder gaat het ook over de kwaliteit van het milieu en over het verminderen van milieuproblemen.

De P van Planet (planeet).

De P van Planet (planeet).ProSea

Zorg voor Planet betekent rekening houden met de gevolgen van jouw activiteiten voor de natuur, het gezond houden van de zee en visbestanden, het niet onnodig gebruiken van grondstoffen en het voorkomen van milieuproblemen. Denk bijvoorbeeld aan verstandig beheer van visbestanden en het verminderen van afval in zee.

Profit

De Profit P staat voor geld. Het gaat over economie en het verdienen van geld, over een gezond bedrijf dat kan blijven voortbestaan en kan investeren in de toekomst. Een goede balans tussen kosten (uitgaven) en inkomsten (verdiende geld) is daarbij van belang. Zorg voor Profit betekent het maken van voldoende winst om het voortbestaan van je bedrijf te kunnen garanderen.

De P van Profit (winst).

De P van Profit (winst).ProSea

3 P’s

Duurzaamheid betekent zorgvuldig vissen en rekening houden met de drie P’s: People, Planet en Profit. In een duurzaam bedrijf zijn de drie P’s met elkaar in balans. Aan elke P wordt aandacht besteed en elke P scoort in ieder geval een voldoende.

In duurzaamheid gaat het om zoeken naar de balans tussen de 3 P’s. Dat is het punt waar ze elkaar alle 3 overlappen.

In duurzaamheid gaat het om zoeken naar de balans tussen de 3 P’s. Dat is het punt waar ze elkaar alle drie overlappen. ProSea

De vraag is dan: “Hoe hou je in jouw bedrijf rekening met zowel de visser, de maatschappij, de natuur, als economische aspecten?”. Dat is niet altijd makkelijk. Soms lijk duurzaamheid namelijk gewoon geld of tijd te kosten, bijvoorbeeld als je gaat investeren in een keurmerk, meedoet met een project om zwerfvuil te verminderen of extra aandacht besteed aan veiligheid aan boord. Dan lijkt het of de P’s niet met elkaar in balans zijn. Toch kan het voor het voortbestaan van jouw bedrijf van groot belang zijn en het je later wel winst opleveren. Daarmee is het dan toch belangrijk om te doen. Niet omdat het nu direct geld oplevert, maar omdat het zorgt voor succes in de toekomst.

Er zijn ook voorbeelden waarbij alle drie de P’s direct voordeel hebben. Een voorbeeld uit de kottervisserij is bijvoorbeeld het vissen met een minder zwaar tuig.  Hierdoor bespaar je brandstofkosten, heb je een mooier product dat beter verkoopt en ontzie je de natuur meer.

1.2Het ontstaan van het begrip duurzaamheid

Het begrip duurzaamheid bestaat nog niet zo lang. Het is in 1987 bedacht door de Verenigde Naties. Daarvoor hadden we het vooral over natuur, milieu en milieu-problemen, zoals zure regen en het sterven van planten, dieren en mensen door het gebruik van chemische stoffen. Voor 1987 waren People en Profit nog niet in beeld.

Milieuproblemen ontstaan meestal niet expres. Niemand rijdt auto om zure regen te maken en mensen laten geen afval achter opdat dieren het opeten en daaraan sterven. We krijgen milieuproblemen zoals zure regen er gratis bij als we in onze auto rijden. Soms weten we niet eens welke gevolgen onze acties hebben. Het achterlaten van afval op straat of in zee heeft vaak grotere gevolgen dan we denken.

Ook olierampen kunnen enorme milieuproblemen tot gevolg hebben.

Ook olierampen kunnen enorme milieuproblemen tot gevolg hebben.Marine Photobank

Luchtemissies door industrie en auto's veroorzaken milieuproblemen.

Luchtemissies door industrie en auto’s veroorzaken milieuproblemen. ProSea

Ook afval wat terecht komt in het milieu kan ernstige gevolgen hebben. Zo kan afval terechtkomen in dieren, zoals deze albatros, waardoor ze uiteindelijk kunnen sterven.

Ook afval wat terecht komt in het milieu kan ernstige gevolgen hebben. Zo kan afval terechtkomen in dieren, zoals deze albatros. Hieraan kunnen ze uiteindelijk sterven.Marine Photobank

Belangrijk is dat de kosten voor de gevolgen van de milieuproblemen meestal niet worden betaald door diegene die het probleem veroorzaakt. Een bedrijf dat chemische stoffen in de sloot laat lopen kan hierdoor gezondheidsproblemen bij mensen rondom de fabriek veroorzaken. De kosten voor het ziekenhuisbezoek van deze mensen worden echter betaald door de mensen zelf en niet door die fabriek. Als de overheid strengere regels maakt, is dat gunstig voor die mensen, maar voor bedrijven kunnen extra milieuregels extra kosten betekenen. Het gevolg kan zijn dat een bedrijf minder geld verdient.

Sommige vormen van mijnbouw zorgen ervoor dat er schadelijke stoffen in het milieu terechtkomen, bijvoorbeeld in voedsel en drinkwater van mensen. De mensen die daar ziek van worden dragen de kosten van de mijnbouw en niet de vervuilers zelf.

Sommige vormen van mijnbouw zorgen ervoor dat er schadelijke stoffen in het milieu terechtkomen, bijvoorbeeld in voedsel en drinkwater van mensen. De mensen die daar ziek van worden dragen de kosten van de mijnbouw en niet de vervuilers zelf. Carol Stoker / NASA

Milieu en economie leken vóór het bestaan van het begrip duurzaamheid volgens de 3 P’s tegengesteld. Maar in de 3P-benadering is het de uitdaging om te zoeken naar activiteiten die zowel voor het milieu, als je winst, als de mens voordelig zijn. Duurzaamheid sluit daarom beter aan bij het beleid van bedrijven. Omdat geld verdienen en economie onderdeel zijn van duurzaamheid, gaat duurzaamheid niet alleen maar over het behoud van de natuur en het milieu, maar ook over de toekomst van bedrijven. Duurzaamheid betekent ook het benutten van kansen, of veranderen wanneer de tijd rijp is. Als er bijvoorbeeld vraag ontstaat naar duurzame visproducten bij consumenten en supermarkten, biedt dat kansen voor innovaties in de visserij.

1.3Duurzaamheid en rentmeesterschap

In de Nederlandse christelijke traditie sluit duurzaamheid aan bij het principe van het rentmeesterschap. Met het begrip rentmeester wordt de verhouding tussen mens, natuur en God weergegeven. Binnen dat idee is de mens door God tot heer en meester over de schepping gesteld. Maar omdat God de eigenaar is van alles op aarde, heeft de mens dit als rentmeester in bruikleen. Deze rentmeester heeft macht, hij heeft als taak het land en de zee goed te beheren en de oogst binnen te halen.

Volgens het principe van rentmeesterschap hebben wij als mensen zowel een relatie met God als met de rest van de schepping. Bovendien heeft de schepping zelf ook een relatie met God. Wanneer mensen zich tegen God of de schepping keren, dan verbreekt niet alleen de relatie met één van de zijdes binnen het driehoek, maar tast het ook de andere zijde van de driehoek aan.

Volgens het principe van rentmeesterschap hebben wij als mensen zowel een relatie met God als met de rest van de schepping. Bovendien heeft de schepping zelf ook een relatie met God. Wanneer mensen zich tegen God of de schepping keren, dan verbreekt niet alleen de relatie met één van de zijdes binnen het driehoek, maar tast het ook de andere zijde van de driehoek aan.Dave Bookless

De mens moet uiteindelijk verantwoordelijkheid en rekenschap afleggen aan God over het gebruik van hetgeen God de mens heeft toevertrouwd. Gods betrokkenheid met deze aarde kan niet anders dan ons aanzetten tot respect voor Gods scheppingswerk. Het vraagt van ons dat we oprecht nadenken over onze omgang met de natuur. De verantwoordelijkheid van de rentmeester vraagt een goede doordenking van individuele keuzes, met als uitgangspunt het behoud van de schepping.

1.4Duurzame visserij heeft de toekomst

Duurzaamheid staat sterk in de belangstelling. Veel Nederlanders zeggen duurzame ontwikkeling belangrijk te vinden. Mensen vinden het steeds belangrijker dat ons eten op een verantwoorde manier wordt geproduceerd. Ondernemen kan niet alleen maar gericht zijn op het maken van winst. Je moet ook rekening houden met mens en milieu. En dat heeft gevolgen voor alle sectoren die levensmiddelen produceren, dus ook voor de visserij.

De sector is sinds het begin van deze eeuw bezig met het bedenken van oplossingen om meer verantwoorde vis en visproducten te produceren. De sector weet dat een duurzame werkwijze en het duurzame beheer van visbestanden de enige manier is om ook in de toekomst voldoende vis te kunnen vangen. Al in het jaar 2007 verscheen het eerste Meerjarenplan Verantwoorde Vis en kreeg verantwoord ondernemen en duurzaam produceren een belangrijke plaats in het beleid.

Meerjarenplan Vis Verantwoord.

Meerjarenplan Vis Verantwoord.Productschap Vis

In het meerjarenplan staan negen afspraken die de sector heeft gemaakt, namelijk:

      • We streven naar een economisch gezonde sector als basis voor de toekomst.
      • We houden ons aan wetten en regels.
      • We werken aan helderheid en samenwerking in de keten.
      • We helpen de natuurlijke hulpbronnen en het ecosysteem in stand te houden en zien het belang in van biodiversiteit.
      • We blijven de technieken van visserij, kweek, verwerking en distributie verbeteren.
      • We gaan verantwoord om met werknemers en andere belanghebbenden.
      • We gaan actief om met de belangen van de samenleving en zoeken waar mogelijk samenwerking met maatschappelijke partijen om te komen tot verduurzaming.
      • We stellen voedselveiligheid centraal in de keten en garanderen de consument een goede kwaliteit vis.
      • We werken gezamenlijk mee aan passende oplossingen voor overbevissing, ongewenste bijvangsten en een optimaal beheer van het water.

De visserij heeft de weg naar duurzaamheid ingeslagen. Het barst inmiddels van initiatieven om deze mooie woorden te vertalen naar echte acties. Er wordt gewerkt aan gedragscodes, keurmerken, energiebesparing, alternatieve vistuigen, viskweek, samenwerking in de keten, convenanten met maatschappelijke organisaties en nog veel meer. In rapporten over maatschappelijk verantwoord ondernemen, in Visserijnieuws en op verschillende websites staat van alles te lezen over projecten die op een of andere manier bijdragen aan verantwoord ondernemen en duurzaam produceren.

2De profit P – Visserijeconomie

In dit hoofdstuk staat de Profit P centraal. Die gaat over visserijeconomie, over de visketen en over het verdienen van geld. Kennis hierover is belangrijk voor een gezond bedrijf dat kan blijven voortbestaan en kan investeren in de toekomst.

Visserijeconomie gaat onder andere over het verdienen van geld, maar ook nog over veel meer.

Visserijeconomie gaat onder andere over het verdienen van geld, maar ook nog over veel meer.Avij

In de visserij kun je economie bekijken op verschillende niveaus. Je kunt denken aan je eigen portemonnee (persoonlijke economie), economie van een schipper/eigenaar (bedrijfseconomie) of de economie van een vissersdorp (regionale economie). Maar je kunt ook op een bredere schaal kijken, bijvoorbeeld naar de visserijsector in heel Nederland (sector economie), waarbij naast de aanvoersector de hele verdere keten (groothandel, verwerking, detailhandel) bijdraagt. Dan gaat het over de aanvoer van vis, de vraag naar vis, en de verspreiding en consumptie van die vis. Daar hoort ook marketing bij. Hoe maak je iets dat de consument wil hebben? En hoe komt dat product bij de consument terecht?

In dit hoofdstuk gaan we vooral kijken naar de bedrijfseconomie van de aanvoersector. Eerst zullen we bekijken wat de opbrengsten en kosten van een individueel vissersvaartuig zijn (bedrijfseconomie) en hoeveel je verdient als opvarende (persoonlijke economie). Daarna kijken we naar de visserijeconomie voor de hele aanvoersector. Tenslotte komt ondernemerschap aan bod. De meeste vissers zijn zelfstandig ondernemer, dus eigen baas. Dat geldt zeker voor eigenaren. Dat betekent dat eigenaren (die vaak de schippers zijn aan boord) zelf bepaalde keuzes kunnen maken over hun bedrijfsvoering.

2.1Hoe verdient een visserijbedrijf geld met vissen?

Visserijeconomie zit in van alles! Als visser is het natuurlijk belangrijk om geld te verdienen. Er komt geld in het laatje door gevangen vis te verkopen, maar je hebt als visser ook kosten. Die kosten moet je van je bruto opbrengst aftrekken om zo je netto opbrengst (winst of verlies) te kunnen berekenen. Voor de economie van een bedrijf is het verschil tussen opbrengsten en kosten van belang. De vraag bij bedrijfseconomie is: hoe kun je iets produceren zodat je winst maakt?

Opbrengst van een kotter

Na een aantal dagen vissen staat het ruim als het goed is vol met mooie vis, schaal- en/of schelpdieren: de vangst. Afhankelijk van de vismethode zal die vangst uit verschillende soorten bestaan en per soort uit grotere en kleinere vissen van verschillende kwaliteit.

De vis wordt in de afslag gesorteerd en op kwaliteit beoordeelt.

De vis wordt in de afslag gesorteerd en op kwaliteit beoordeeld.Nederlands Visbureau

De prijs die je per kilo vis op de afslag ontvangt, hangt af van een aantal factoren. Ten eerste is de sortering van je vangst belangrijk. Dat wil zeggen: hoe is de samenstelling van de vangst (soorten en grootte van de vissen). Op de afslag worden de vissen gesorteerd op soort en lengte en verdeeld in verschillende marktcategorieën. Schol van 30 cm lengte valt bijvoorbeeld in de marktcategorie ‘Schol 4’. Hieronder zie je voor een paar vissoorten de marktcategorieën. Vanuit de markt kan er vraag zijn naar specifieke sorteringen. Maar over het algemeen is het zo dat er op de afslag meer betaald wordt voor de grotere vissen.

De marktcategorieën voor verschillende vissoorten.ProSea

Verse vis wordt aangevoerd via de visafslag. Daar wordt de vis geregistreerd. De vis komt eerst in de aanvoerruimte waar het los- en sorteerproces plaatsvindt. Daarna gaat de vis naar de schouwruimte, waar handelaren de vis kunnen beoordelen op kwaliteit en hoeveelheid. Daar maken ze aantekeningen van en die houden ze erbij wanneer de vis over de klok wordt afgeslagen. Pelagische verse vis wordt door reders direct aan handelaren verkocht. Reders kunnen ook zelf handelshuizen in beheer hebben: zij zijn zowel visser als handelaar.

De vis wordt gesorteerd in kisten en in de schouwruimte neergezet.ProSea

De kwaliteit van vis weegt ook mee in de prijs. De kwaliteit van vis hangt af van verschillende zaken, zoals:

  • Het seizoen; zo zijn vissen in de paaitijd erg mager, omdat ze dan al hun energie in de voortplanting steken. Tijdens de paaitijd krijg je over het algemeen minder geld per kilo vis. Economisch gezien kan het verstandig zijn om tijdens de paaitijd minder aan te voeren, want vis kan meer opbrengen wanneer je die een paar maanden later opvangt als die vetter is.
  • De vismethode; een vis die lang in het net zit kan bijvoorbeeld meer beurse plekken hebben en daardoor minder waard zijn.
  • Het visgebied of de type visgrond; als je bijvoorbeeld veel bodemvuil bijvangt, dan kan een vis in het net eerder beschadigen. Dat vertaalt zich ook in de kwaliteit van het visvlees.
  • De versheid van de vis; wanneer is de vis gevangen. Vissen die gevangen zijn aan het einde van de visweek zijn verser dan vissen gevangen op de eerste dag.

Kwaliteit van de vis heeft ook invloed op de prijs die je voor je vis krijgt. Hier zie je het verschil in kwaliteit van een tong gevangen met de boomkor (links) en de pulskor (rechts).ProSea

Via je vangst in kilo’s en de prijs per kilo weet je uiteindelijk wat je opbrengst is. In de visserij noemen we dat de besomming. Deze staat vermeld op de besommingbrief of afslagbrief die je op de afslag krijgt. De afslagbrief is een overzicht waarop je bruto besomming staat: hoeveel geld je in totaal hebt gekregen voor je vis, schaal- of schelpdieren. Er staat ook op wat je hebt aangevoerd in kilo’s per soort en marktcategorie, wie de kopers zijn en welke prijs je per marktcategorie hebt ontvangen.

Een voorbeeld van een afslagbrief of besommingsbrief.

Een voorbeeld van een afslagbrief of besommingsbrief.ProSea

Op de afslagbrief staat ook een aantal kostenposten, die van de bruto besomming worden afgetrokken. Om te beginnen houdt de afslag ongeveer 3% in voor bemiddelingskosten van de veiling. Dit is een vast percentage en geldt voor elke afslag in Nederland. Vervolgens wordt er geld ingehouden voor het lossen en sorteren op de afslag. Deze kosten variëren per afslag van 2 tot 3% van je bruto besomming. Ook betaal je via de afslag automatisch een bepaald percentage aan contributie voor je visserijorganisatie. Daarnaast zijn er heffingen van de PO voor promotie en onderzoek.

Na inhouding van al deze heffingen blijft er van de bruto besomming ongeveer 93% over. Dit is de netto besomming en deze wordt overgemaakt op de bankrekening van de kottereigenaar.

Een voorbeeld van een afslag/besommingsbrief met de door de afslag ingehouden kosten.

Een voorbeeld van een afslag/besommingsbrief met de door de afslag ingehouden kosten.ProSea

De totale jaaropbrengst geeft dus een goed overzicht van de totale hoeveelheid geld die binnenkomt. Maar voordat de kottereigenaar weet hoeveel hij van de besomming overhoudt, moeten er nóg een aantal rekeningen betaald worden.

Voorbeeld van een jaaropbrengst van een kotter.

Voorbeeld van een jaaropbrengst van een kotter.LEI

Uitgaven van een kotter

Er zijn heel wat kosten die eerst gemaakt moeten worden, voordat er ook maar een kilo vis gevangen kan worden. Hierbij kun je denken aan:

  • Verzekering; het schip moet verzekerd zijn.
  • Materialen; er moeten allerlei materialen aan boord zijn, zoals navigatiemiddelen en netten.
  • Brandstof; tijdens het varen en vissen wordt er olie verstookt. De brandstofkosten zijn afhankelijk van de hoogte van de gasolieprijs.
  • Quotum; de kosten voor het huren van quotum. In Nederland heeft elke visser een eigen stukje quotum (dat heet contingent). Dit contingent geeft aan hoeveel kilo van een bepaalde soort vis de visser mag aanlanden. In Nederland zijn deze contingenten verhandelbaar: je kunt ze (ver)kopen of (ver)huren. Zo kan elke visser zijn vangstrechten flexibel afstemmen.
  • Bemanning; de bemanning moet ook worden betaald. De meeste kotters varen in een maatschap. Dit betekent dat de bemanning geen vast loon heeft, maar dat ze, na aftrek van een aantal kosten, een deel van de besomming krijgen. Een meevarende eigenaar (schipper-eigenaar dus) krijgt ook zo’n loondeel, naast het geld dat hij inhoudt voor het beschikbaar maken van zijn schip, het quotum, en de zeedagen.

Hier zie je een voorbeeld van de kosten van een kotter op jaarbasis.

Hier zie je een voorbeeld van de kosten van een kotter op jaarbasis.LEI

Nu weten we zo ongeveer hoe het geld wekelijks binnenkomt en welke kosten er aan een visreis verbonden zijn. Maar we zijn er nog niet. Van het geld dat er binnenkomt moeten namelijk ook de rente en de aflossingen van leningen aan de bank worden betaald. Het schip en de motor zijn namelijk meestal ooit met geleend geld aangeschaft. Wat er na deze aflossingen en rentes onderaan de streep overblijft heet de winst, of, wanneer de uitgaven de opbrengst overstijgen, het verlies. Als er sprake is van winst, dan moet er belasting worden betaald.

Winst en verlies

Of je aan het einde van de dag winst of verlies maakt hangt dus af van het verschil tussen je besomming en je kosten. Zijn de kosten hoger dan de besomming, dan maak je verlies. Zijn ze lager, dan hou je geld over en maak je winst. Het verschil tussen opbrengst en kosten wordt ook wel het nettoresultaat genoemd.

Hier zie je hoe het nettoresultaat berekent wordt van een kotter op jaarbasis.

Hier zie je hoe het nettoresultaat berekent wordt van een kotter op jaarbasis.LEI

2.2Hoe verdient een bemanningslid geld met vissen?

Nu we op een rijtje hebben wat een kottereigenaar aan inkomsten en kosten heeft, is het interessant om te zien wat een opvarende verdient. In de Nederlandse kottervloot werk je als opvarende in een maatschap. De belastingdienst ziet de schipper-eigenaar als ondernemer en een opvarende als een maat. Wanneer je als opvarende aan boord van een kotter gaat werken onderteken je een maatschapscontract.

Bemanningsleden aan boord van een kotter.

Bemanningsleden aan boord van een kotter.Nederlands Visbureau

Werken in een maatschap

In een maatschapscontract staat ondermeer wie de schipper-eigenaar is, hoeveel zeedagen en welk contingent de kotter heeft, wat de vaste kosten van een visreis zijn, wie de opvarenden zijn en welk percentage van de opbrengst elke opvarende als loon ontvangt. Dat percentage kan per bemanningslid verschillen. Zo kan een ervaren bemanningslid bijvoorbeeld een hoger percentage van de opbrengst als loon ontvangen dan een minder ervaren bemanningslid. In principe staat het percentage voor een individueel bemanningslid vast totdat een nieuw maatschapscontract wordt ondertekend. Elk jaar moet er per 1 januari een nieuw contract worden opgemaakt.

Deelloonberekening

Als bemanningslid is het belangrijk om te weten hoe jouw loondeel wordt berekend. Kijk naar het volgende voorbeeld van een deelloonberekening. De bruto besomming is 40.000 euro. Hiervan worden een aantal kosten afgetrokken, zoals inhoudingen op de afslag, brandstofkosten, huur quota en apparatuur. De bemanning krijgt in totaal 42% van de resterende opbrengst (22.500 euro). In dit voorbeeld verdient elk bemanningslid een even groot deel. Er zijn 6 man aan boord, dus krijgt iedere visser 7%.

Voorbeeld van een deelloonberekening.

Voorbeeld van een deelloonberekening.Wageningen Economic Research

Bruto komt dat neer op 1.575 euro per bemanningslid. Hiervan houdt de eigenaar in dit voorbeeld nog 100 euro in als premie voor het Sociaal Fonds Maatschapsvisserij (SFM). Dit fonds biedt bemanningsleden een sociaal vangnet. Als je bijvoorbeeld ziek wordt, dan zorgt het SFM ervoor dat je dan toch een vastgesteld weekloon ontvangt.

Elk bemanningslid krijgt dus deze week 1.475 euro overgemaakt naar zijn bankrekening. Wat je als visser op je bankrekening ontvangt is je brutoloon. Pas nadat je daar een deel van hebt afgedragen aan de belasting blijft je nettoloon over. Als visser draag je zelf de verantwoordelijkheid voor het betalen van de belastingaanslag. Het is daarom slim om een deel van je brutoloon op een aparte spaarrekening te reserveren voor de belasting. Zo voorkom je dat je de belasting niet kunt betalen en daardoor in financiële moeilijkheden komt.

Ook dien je je bij de belastingdienst aan te melden als maatschapvisser. Naast het SFM is er voor opvarenden niets geregeld wat betreft bijvoorbeeld een ziektekostenverzekering en pensioenopbouw. Ook daar moet je zelf geld van je loon voor apart zetten.

Pelagische visserij

In de pelagische vloot is het anders geregeld. Daar is een opvarende geen maat, maar een CAO-visser. In de zin van de wet is het een werknemer en geen deelloonvisser. Voor pelagische vissers hebben vakbonden afspraken gemaakt met reders over loonbetalingen. Net als in de kottervloot krijgt een opvarende op een hektrawler een aandeel van de opbrengst, maar er bestaat ook een garantieloonregeling. Bij te lage opbrengsten wordt dan toch een redelijk loon uitbetaald. In de kottervisserij bestaat deze garantieregeling niet. Verder betalen pelagische vissers samen met de reders premies voor sociale verzekeringen (sociale lasten) en pensioenpremies. De meeste premies worden ingehouden op het loon van de vissers. Zij ontvangen een netto loon.

2.3De Nederlandse kottervloot

We hebben nu gekeken hoe de economie van een visserijbedrijf werkt. Je haalt een bepaalde besomming door de vis te verkopen en na aftrek van alle kosten maak je winst of verlies. Nu maken we de stap van het individuele visserijbedrijf naar de aanvoersector als geheel. Laten we eens verder kijken naar hoe de Nederlandse vloot eruit ziet. Wageningen Economic Research houdt al deze gegevens bij. Gegevens zijn te vinden op de website www.agrimatie.nl onder visserij. Hieronder zie je een overzicht van de vlootsamenstelling die op die site te vinden is.

Vlootsamenstelling Nederlandse visserijvloot vanaf 2009. Wageningen Economic Research

De Nederlandse vissersvloot is altijd wisselend van omvang en samenstelling geweest. Er zijn jaren geweest dat de vloot groeide (in aantal schepen en/of in capaciteit, dus de grootte van de schepen), maar ook jaren dat de vloot kromp. De omvang van de vloot wordt bepaald door economische ontwikkelingen, zoals brandstofkosten, visprijzen, biologische ontwikkelingen (bijvoorbeeld schommelingen in visbestanden en in vangstmogelijkheden) en ook door wetgeving.

In de eerste tien jaar van deze eeuw kromp de Nederlandse vissersvloot. Vooral in de kottervloot zijn er flinke saneringen geweest, want veel bedrijven leden al een paar jaar verlies. Sommige bedrijven hadden te weinig vangstrechten om winst te kunnen maken. Toen de gasolieprijzen stegen en de visprijzen daalden, was dit voor sommige bedrijven reden om te stoppen.

De laatste jaren blijkt het aantal actieve visserijvaartuigen redelijk stabiel rond de 600 vaartuigen. Alleen in de grote zeevisserij is het aantal vaartuigen varend onder Nederlandse vlag aanzienlijk afgenomen, van 14 naar 8. De omvang van alle andere onderdelen van de Nederlandse vloot bleef nagenoeg onveranderd. In de kottervisserij waren de laatste jaren gemiddeld 280 kotters actief. 

Aanvoer schol, tong, griet en tarbot vanaf 2003.Wageningen Economic Research

In bovenstaande afbeelding zijn de aanvoer van enkele vissoorten weergegeven, verkregen uit VIRIS (aanvoergewicht). Schol en tong zijn de meest aangevoerde vissoorten van de Nederlandse kottervloot. De aanvoer van garnalen, kabeljauw en langoustine is te zien in onderstaande afbeelding.

Aanvoer van kabeljauw, garnalen en langoustine vanaf 2003.Wageningen Economic Research

In onderstaande afbeelding is de aanvoer van pelagische vis te vinden. De belangrijkste pelagische vissoorten die worden aangevoerd (in % van totaal) zijn haring, blauwe wijting, horsmakreel, makreel en sardine.

Aanvoer pelagische sector vanaf 2003.Wageningen Economic Research

Werkgelegenheid

De kottervisserij leverde de grootste bijdrage aan de werkgelegenheid. Deze sector neemt meer dan de helft van het totaal aantal opvarenden voor zijn rekening..

Aantal opvarenden in de visserij vanaf 2012.Wageningen Economic Research

2.4Nettoresultaat: Winst of verlies?

Belangrijker dan de opbrengst is natuurlijk het verschil tussen opbrengst en kosten. Hierbij kijk je hoeveel de kottersector netto, onder de streep, van die opbrengst overhoudt.

Economische resultaten van de Nederlandse kottervisserij (voorlopige cijfers × mln. euro).

Economische resultaten van de Nederlandse kottervisserij (voorlopige cijfers × mln. euro). Wageningen Economic Research

Bovenstaande afbeelding toont het nettoresultaat van de Nederlandse kottervloot. Dit getal laat zien of de vloot gemiddeld winst of verlies maakt. Een ander woord voor netto-resultaat is rentabiliteit. Als er winst gemaakt wordt, is het nettoresultaat positief en spreken economen van een positieve rentabiliteit.

De gemaakte winst kan je zien als een soort beloning voor al het geld dat je in een bedrijf hebt geïnvesteerd. Als er verlies wordt gemaakt, is het nettoresultaat negatief en spreken economen van een negatieve rentabiliteit. Er wordt geen winst gemaakt, soms is een bedrijf zelfs verliesgevend.

Het berekenen van het nettoresultaat.

Het berekenen van het nettoresultaat.ProSea

In het begin van deze eeuw had de Nederlandse kottervloot te maken met een negatieve rentabiliteit. Simpel gezegd: vis werd te duur gevangen. In de tabel is te zien dat het sinds 2012 gelukkig weer veel beter gaat. De rentabiliteit valt te verbeteren door de kosten te verlagen en/of door de opbrengsten te verhogen.

Kostenbesparing

Vooral het hoge verbruik van brandstof maakt de aanvoersector kwetsbaar. Dit is een grote kostenpost. De Nederlandse visserij, met name de boomkorvloot, verbruikt namelijk relatief gezien veel brandstof. Nu is dat niet voor niets, want voor een bokker geldt over het algemeen: hoe meer pk’s, hoe hoger de vangst. Maar de kosten zijn ook hoger, want veel pk’s verbruiken veel brandstof.

In onderstaande afbeelding staat het gasolieverbruik- en de kosten. Het totale brandstofverbruik in de kottervisserij is in de afgelopen decennia fors gedaald. Mede dankzij innovaties in efficiëntere vistuigen en een lagere brandstofprijs is dit percentage de afgelopen jaren fors gedaald ten opzichte van de jaren daarvoor.

Het totale brandstofverbruik in de kottervisserij is in de afgelopen decenia fors gedaald. In 1994 werd 369 mln. liter brandstof verbruikt; in 2017 was dit nog maar 94 mln. liter. Wageningen Economic Research

Het is belangrijk om te snappen dat je op de prijs van olie als visser geen invloed hebt. Wel is het prettig als de prijs laag is, maar heel kostbaar als de prijs hoog is. Je kunt er alleen niet zoveel aan doen. Brandstofprijzen worden op de wereldmarkt bepaald.

Maar de Nederlandse vloot kan wel iets doen aan de hoeveelheid brandstof die verbruikt wordt. En dat hebben vissers de afgelopen jaren gedaan! Toen de olieprijs omhoog ging zijn er veel innovaties in vistuigen doorgevoerd, waardoor het olieverbruik sterk naar beneden is gegaan. Mocht de olieprijs in de toekomst weer omhoog gaan, dan heb je daar minder last van als je vist met de twinrig, pulskor of SumWing.

De gemiddelde gasolieprijs schommelt de laatste jaren tussen de 0,30 tot 0,70 eurocent per liter.Wageningen Economic Research

Naast het veranderen van vistuig, zijn er allerlei andere slimme ideeën om brandstof te besparen. De Kenniskring Slim Ondernemen heeft er een aantal op een rijtje gezet, zoals het gebruik van een brandstofmeter, cruise control, het aanpassen van de vissnelheid, allerlei aanpassingen aan vistuigen of veranderingen in de motor en schroef.

Vis wordt duur betaald

Naast kostenbesparing kan je natuurlijk ook denken aan het verhogen van de opbrengst. Immers, het nettoresultaat is opbrengst min de uitgaven. Het lijkt logisch om de opbrengst te verhogen door meer vis te vangen, want meer vis brengt meer geld op. Maar dat werkt (helaas) niet altijd zo. Als je meer vis gaat aanlanden, dan wil dit nog niet zeggen dat je voor die vis ook meer krijgt. Dat hangt erg af van de markt. Als er veel vis wordt aangeland, dan zou de kiloprijs naar beneden kunnen gaan. Het is dus slim om de markt goed in de gaten te houden. En die markt is niet alleen afhankelijk van Nederlandse vis. Handelaren en consumenten kopen ook kweekvis zoals pangasius, of alternatieve vissoorten zoals Yellow Fin Sole.

Consumenten hebben tegenwoordig veel keuze en zijn niet alleen afhankelijk van Nederlandse vis.

Consumenten hebben tegenwoordig veel keuze en zijn niet alleen afhankelijk van Nederlandse vis.Nederlands Visbureau

Vooral de Nederlandse kottervloot heeft regelmatig te maken met schommelende prijzen voor de door hun gevangen vis en garnalen. Door het beter vermarkten van vis, kan er mogelijk een hogere prijs betaald worden voor de aangelande vis.

Maar hoe kun je die visprijzen nu beïnvloeden? Je kunt andere vis, zoals pangasius, niet van de markt weren. Je kunt wel proberen om weer vraag naar schol te creëren (door bijvoorbeeld toegevoegde waarde te creëren). Ook kunnen vissers kijken naar hoe en wanneer de vis moet worden aangevoerd en vermarkt. Op die manier kunnen vraag en aanbod op de vismarkt beter op elkaar worden afgestemd.

3De profit P – De visketen

Vissers die vis aanvoeren staan aan het begin van de visketen, maar verkopen de vis meestal niet zelf aan de consument. Daar zitten nog heel wat schakels tussen. Het bedrag dat de consument voor de vis betaalt is uiteindelijk vele malen hoger dan wat de visser ervoor krijgt. Dat komt omdat er nog allerlei handelingen met de vis moeten plaatsvinden voordat deze geconsumeerd kan worden. De vis moet worden vervoerd, gefileerd, in porties verdeeld, verpakt, opgeslagen, gekoeld en nogmaals worden vervoerd. Pas dan kan de vis verkocht worden. Al deze handelingen kosten natuurlijk geld en ook in de visketen moet iedere schakel iets verdienen.

De vis legt nog een hele reis af voordat het uiteindelijk bij de consument op het bord terecht komt.

De vis legt nog een hele reis af voordat het uiteindelijk bij de consument op het bord terecht komt.Nederlands Visbureau

In dit onderdeel staat beschreven hoe vis uiteindelijk bij de consument belandt. Hoe zit de visketen in elkaar en welke rol spelen de verschillende schakels van de visketen? We kijken eerst op welke manier wildgevangen vis via de Nederlandse afslagen de consument bereikt. Daarnaast bespreken we welke initiatieven er zijn om dit anders te doen. Daarna wordt beschreven hoe dat gaat voor geïmporteerde wildvangst en voor Nederlandse- en buitenlandse kweekvis.

3.1De weg van Nederlandse wildvangst

In Nederland voeren alle vissers hun verse vis, schaal- en schelpdieren voornamelijk aan via de afslag. Aanvoeren van vis via de afslag is verplicht, hierdoor kan precies worden geregistreerd wanneer en hoeveel er van elke vissoort aangevoerd wordt. Deze registratie is nodig om te zien hoeveel er op een bepaald moment in het jaar nog over is van de quota en ook om een bestandschatting uit te kunnen voeren. De afslag is een plek waar kopers en verkopers worden samengebracht. Een afslag is daarmee een intermediair en koopt zelf geen vis.

Kopers op de visafslag van Scheveningen.

Kopers op de visafslag van Scheveningen.Nederlands Visbureau

De meeste vissers verkopen de vis ook via de afslag, maar dat hoeft niet. Een groot voordeel van de verkoop via de afslag is dat een visser meteen aan het einde van de verkoop geld op zijn bankrekening ontvangt. Reders van de pelagische sector, die vis diepgevroren aanvoeren, verkopen de vis niet via de afslag. Die vis wordt wel geregistreerd bij het lossen, maar daarna wordt de vis door de reders zelf verhandeld. Praktisch al hun vis gaat naar het buitenland via grote importeurs.

Een groot deel van de Nederlandse vis gaat naar het buitenland. Nederlandse bedrijven gaan ook actief opzoek naar klanten in het buitenland door bijvoorbeeld deel te nemen aan de jaarlijkse Seafood Expo in Brussel.

Een groot deel van de Nederlandse vis gaat naar het buitenland. Nederlandse bedrijven gaan ook actief opzoek naar klanten in het buitenland door bijvoorbeeld deel te nemen aan de jaarlijkse Seafood Expo in Brussel. Nederlands Visbureau

De top zes producten die door Nederlandse visserijbedrijven worden aangevoerd zijn schol, tong, haring, horsmakreel, garnalen, langoustines en mosselen. In verwerkingsbedrijven wordt de vis al naar gelang het product schoongemaakt, gefileerd, geportioneerd, gemarineerd, verpakt, gekoeld en als vers of diepgevroren product aan klanten in het binnen- en buitenland verkocht.

Ongeveer zo’n 80% wordt binnen de EU geëxporteerd aan visproducten door Nederland gerekend naar exportwaarde.

Duitsland, België, Frankrijk, Italië, Spanje en Verenigd Koninkrijk zijn de belangrijkste landen voor de totale exportwaarde.Wageningen Economic Research

3.2Hoe zit de keten in elkaar

Hieronder zie je ruwweg hoe de wildvangst uit de Noordzee via de visafslag de consument bereikt. Deze keten geldt in het algemeen voor vis, schaal- en schelpdieren die aangevoerd worden door de kottersector. De keten van de pelagische visvangst is een stuk korter, omdat de afslag geen rol speelt en omdat veel reders zowel visser als handelaar zijn.

De visketen waarbinnen de wildgevangen vis die door Nederlandse vissers wordt aangeland verder wordt verhandeld. Onder detailhandel vallen supermarkten, winkeliers en marktkooplui. Sommige detailhandelaren zijn ook een soort groothandelaren die aan de horeca en catering kunnen leveren. Voorbeelden daarvan zijn de Makro, Sligro en Hanos.

De visketen waarbinnen de wildgevangen vis die door Nederlandse vissers wordt aangeland verder wordt verhandeld. Onder detailhandel vallen supermarkten, winkeliers en marktkooplui. Sommige detailhandelaren zijn ook een soort groothandelaren die aan de horeca en catering kunnen leveren. Voorbeelden daarvan zijn de Makro, Sligro en Hanos.ProSea

3.3De rol van partners in de visketen

De visgroothandel is meestal goed op de hoogte van de ontwikkelingen in de markt. Ze weten ongeveer hoeveel er van iedere soort vis gewenst is door andere schakels in de visketen. De groothandel koopt zelf vis via de visafslagen of maakt gebruik van zogeheten commissionairs. Dat zijn dienstverleners die onder andere kennis hebben van vis, kwaliteit, aanbod en visprijzen.

Groothandelaren importeren ook veel vis vanuit het buitenland. Vanuit de groothandel gaat het vervolgens naar een binnenlandse groothandel, een verwerkingsbedrijf of een exporteur. Sommige groothandelaren houden zich bezig met al deze drie schakels, terwijl andere groothandelaren zich specialiseren in een schakel (bijvoorbeeld levering aan verwerkingsbedrijven).

  • De binnenlandse groothandel verkoopt de ingekochte vis door aan horeca en detailhandel. De ene groothandel doet dat pas nadat er enige vorm van verwerking van vis heeft plaatsgevonden (dat doen ze soms ook zelf), terwijl de ander groothandelaar hele, onbewerkte vis verkoopt.
  • Visverwerkingsbedrijven die via visafslagen vis kopen zijn in feite ook een soort groothandel, maar gaan verder met het verwerken van vis. Door deze speler binnen de keten wordt veel vis ingevroren. Voorbeelden van verwerkingsbedrijven zie je vooral op Urk en in IJmuiden.
  • Exporteurs zijn handelaren die vooral gespecialiseerd zijn in contacten met buitenlandse afnemers en leveranciers die aan de horeca en consument in het buitenland verkopen.

De verwerking van schol.

De verwerking van schol.Nederlands Visbureau

De meeste vis bereikt de consument via restaurants (horeca), visdetailhandel en supermarkten. Visproducten passeren in het algemeen dus veel tussenstations voordat ze bij de consument aanbelanden. Als visser heb je daarom nauwelijks zicht op wat de uiteindelijke vraag van de consument is.

Sommige vissers hebben wel contact met groothandels, maar dat is te weinig om invloed te kunnen uitoefenen op de prijs die voor de vis ontvangen wordt. Kortom, er is geen echte strategie die door vissers wordt toegepast om de vraag naar vis optimaal te bedienen, zodat de opbrengsten kunnen worden gemaximaliseerd. De aanvoersector heeft nog een grote taak om hun positie binnen de keten in dat opzicht te versterken.

Een aantal visserijgemeenschappen organiseren jaarlijks een evenement omtrent visserij. Die evenementen trekken veel consumenten aan en zijn een goede gelegenheid voor vissers om in gesprek te komen met de mensen die hun vis kopen en eten.

Een aantal visserijgemeenschappen organiseren jaarlijks een evenement omtrent visserij. Die evenementen trekken veel consumenten aan en zijn een goede gelegenheid voor vissers om in gesprek te komen met de mensen die hun vis kopen en eten. Nederlands Visbureau

3.4Wie verdient wat? Prijsvorming in de keten

De prijs die de consument per kilo vis op de markt betaalt is hoger dan de kiloprijs op de afslag. Het is geen uitzondering dat een vis in de supermarkt veel meer kost, dan wat de visser er via de afslag voor ontvangen heeft. Dat komt doordat die vis in de keten een lange weg doorloopt, waarbij er in elke schakel van de visketen werkzaamheden worden uitgevoerd en kosten worden gemaakt.

Een visdetaillist heeft bijvoorbeeld kosten voor de winkel, het personeel, de koelcel en natuurlijk alle producten die hij/zij niet weet te verkopen. Dat risico rekent een visdetaillist door in z’n prijzen, want de visdetaillist heeft met bederf van onverkochte producten te maken. Daarnaast wil iedere schakel in de keten ook iets verdienen.

Hoe de prijsvorming in de visketen ongeveer verloopt zie je in het voorbeeld hieronder waarbij vis via een groothandel, verwerker en visdetaillist bij de consument belandt.

Voorbeeld van prijsvorming in een traditionele keten. Uitgaande van de netto opbrengst van de visserman, wordt per schakel aangegeven wat de kosten zijn die in de uiteindelijke consumentenprijs bepalen.

Voorbeeld van prijsvorming in een traditionele keten. Uitgaande van de netto opbrengst van de visserman, wordt per schakel aangegeven wat de kosten zijn die in de uiteindelijke consumentenprijs bepalen.Kenniskringen Visserij

Vooral het fileren is een grote kostenpost in de keten. Op het moment van fileren, ergens halverwege de keten, stijgen de kosten van een kilo product fors. In bovenstaand voorbeeld is er 50% fileerverlies. Dit verlies aan gewicht moet worden doorberekend in de kiloprijs, waardoor deze verdubbelt na deze schakel. Het fileren gebeurt meestal in gespecialiseerde visverwerkingsbedrijven.

3.5Creatief zijn in de keten

De weg van de visser naar de consument bestaat uit veel schakels. In de (huidige) traditionele keten vindt de vis zijn weg naar de consument via de afslag, handel, verwerker en detaillist. Bij al deze schakels vinden handelingen en bewerkingen plaats die kosten met zich meebrengen en waarbij ook een zekere marge wordt berekend. De consumentenprijs is daarom veel hoger dan de prijs die de visserman voor zijn product krijgt.

Op economische gebied is er niet echt sprake van samenwerking. De keten vraagt om een aantal investeringen zodat er duurzaam gevangen vis verkocht kan worden, maar is niet direct bereid om meer voor het product te betalen. Verder wordt er niet altijd samen gezocht naar een oplossing als de prijs voor vis laag is en de olieprijs hoog. Of andersom, bijvoorbeeld als de prijzen voor de handel te hoog zijn. Hierdoor kunnen handelaren overstappen naar goedkopere alternatieven.

Vissers missen over het algemeen kennis over de visketen. Uitwisselen van kennis kan ervoor zorgen dat er nog meer toegevoegde waarde gecreëerd kan worden voor het product. Tot op heden gebeurt dit lang niet altijd en voegt iedere schakel zelf iets toe aan het product.

Stichting ProSea heeft in het verleden cursussen georganiseerd waarbij vissers en handelaren over ketensamenwerking met elkaar in gesprek gingen. Hieruit werd de Kadergroep Visketen gevormd, hierboven zie je de samenstelling van de Kadergroep uit 2009/2010.

Stichting ProSea heeft in het verleden cursussen georganiseerd waarbij vissers en handelaren over ketensamenwerking met elkaar in gesprek gingen. Hieruit werd de Kadergroep Visketen gevormd, hierboven zie je de samenstelling van de Kadergroep uit 2009/2010.

In de land- en tuinbouw en ook in de visserij worstelen ondernemers met de vraag of een andere ketenorganisatie, een andere manier van produceren of een ander product kan leiden tot een meer duurzame productie, een efficiënter en meer voldoening gevend bedrijfsresultaat. Sommige vissers raken gefrustreerd van het feit dat de vis pas meer waard wordt wanneer deze de hele visketen heeft doorlopen. Zo kunnen vissers zich erg afhankelijk voelen van de keten, de handel en de grillige markt. Je zou je kunnen voorstellen dat je als visser op een creatieve en andere manier met de keten om kunt gaan, zodat je zelf meer invloed kunt uitoefenen op de prijs.

Er zijn steeds meer vissers die hiermee bezig zijn en er zijn veel voorbeelden van succesvolle en minder succesvolle initiatieven. Uit de vele voorbeelden zijn er zes uitgezocht om verder te beschrijven in het boekje ‘Meerwaarde voor vis’ van de Kenniskringen. Hieronder staat een korte beschrijving, meer informatie is te vinden in de artikelen uit Visserijnieuws of in het boekje zelf.

Zuidwester vis

De schol en tong van verscheidene vissers uit Zuidwest-Nederland heeft een tijdje in de schappen van de regionale supermarktketen Agrimarkt en bij de supermarktketens Spar en MCD gelegen. Vissers kregen daardoor een hogere prijs en de supermarkten een hogere omzet. De consumenten waren tevreden over de verse en kwalitatief goede Noordzeevis uit eigen streek.

Vis verkocht onder het merk Zuidwestervis.

Vis verkocht onder het merk Zuidwestervis.www.zuidwestervis.nl

Vissersgilde van Thorup Strand (Denemarken)

Twintig Deense vissersfamilies hebben een coöperatie gevormd en gezamenlijk met leningen visquota gekocht. De meeste kabeljauw en schol verkopen ze via de visafslag. Een klein deel verkopen ze op een traditionele vissersboot in de haven van Kopenhagen. Sinds het voorjaar van 2015 is het merendeel van hun vangst verkrijgbaar bij de supermarktketen COOP.

Winkel waar ze vis(producten) verkopen van de Thorup Strand vissers.

Winkel waar ze vis(producten) verkopen van de Thorup Strand vissers.Thorupstrand Fisk og Delikatesse

Producten van de Thorup Strand vissers.

Producten van de Thorup Strand vissers.Thorupstrand Fisk og Delikatesse

Vissersboten van de Thorup Strand vissers.

Vissersboten van de Thorup Strand vissers.Thorupstrand Fisk og Delikatesse

Ekofish Group

Bij de Ekofish Group staan duurzaamheid en kwaliteit voorop. Het bedrijf zorgt voor een korte keten en regelt de afzet zelf. De vis ligt in de schappen van ruim 3.000 supermarkten. Ongeveer 80 procent van de schol gaat naar het buitenland.

Kotter van de Ekofish Group.

Kotter van de Ekofish Group.Ekofish Group

Zeeverse Vismarkt Wieringen

Iedere zaterdagochtend wordt op de vismarkt in de haven van Den Oever in gemeente Wieringen verse vis verkocht. Klanten kunnen een workshop fileren volgen en vissers vertellen verhalen van het water. Deze zogeheten Zeeverse Vismarkt zorgt voor veel aandacht en bedrijvigheid rondom de visserij en de haven.

De Zeeverse Vismarkt in de haven van Den Oever.

De Zeeverse Vismarkt in de haven van Den Oever.www.trendsinzee.nl

North Sea Chefs (België)

Een groep Belgische topkoks zet samen met de visserijsector onbekende Noordzeevissen op de kaart. De ‘North Sea Chefs’ koken met vis van Belgische vissers en onder hun kwaliteitslabel zijn onbekende vissoorten te koop bij Belgische groothandels. Door een markt te creëren voor onbekende Belgische vis willen ze de visserijsector helpen en verspilling tegengaan.

De North Sea Chefs zijn van mening dat consumenten moeten leren eten wat de visser vangt.

De North Sea Chefs zijn van mening dat consumenten moeten leren eten wat de visser vangt.North Sea Chefs

3.6Naar een vraaggestuurde visverkoop

De lange keten maakt het nauwkeurig afstemmen van aanbod op vraag lastig. Niet de consumentenvraag, maar het aanbod bepaalt wat er op de markt komt. Er gaan stemmen op dat het beter zou zijn om naar een vraaggestuurde markt toe te gaan, waarbij je rekening houdt met de wensen van de consument.

Als producent van vis is het slim om bij die wensen aan te sluiten. Zo kan je iets op het gebied van prijsvorming doen. In veel andere sectoren wordt regelmatig geïnventariseerd wat er veranderd in de maatschappij, waar behoefte aan is, wanneer de markt om iets vraagt en om welke hoeveelheden het gaat. De visserij zou hier nog belangrijke stappen in kunnen zetten.

Een viertal garnalenkotters.

Een viertal garnalenkotters.Nederlands Visbureau

3.7De weg van kweekvis en geïmporteerde vis

Een groot deel van het in Nederland verwerkte volume aan vis, schaal- en schelpdieren wordt niet door onze eigen visserij aan land gebracht, maar wordt geïmporteerd. Vooral de import van pangasius, tilapia en garnalen uit Zuidoost-Azië hebben een grote opmars gemaakt en zijn binnen Europa belangrijke producten geworden. Deze geïmporteerde vis komt niet via de afslag ons land binnen, maar wordt direct aangekocht door de importeurs en groothandel. Hetzelfde geldt voor Nederlandse kweekvis.

De visketen met daarin ook de geïmporteerde vis en de Nederlandse kweekvis (grijs).

De visketen met daarin ook de geïmporteerde vis en de Nederlandse kweekvis (grijs).ProSea

In Nederland wordt niet veel vis gekweekt. De meeste kweekvis bestaat uit paling en meerval en wordt rechtstreeks aan rokerijen, groothandel, horeca en supermarkten verkocht. Daarbij wordt paling niet echt gekweekt, omdat deze zich niet in gevangenschap voortplant. De palingkwekerijen zijn dus in feite palingmesterijen, waar jonge wilde paling opgroeit tot die consumptierijp is. Naast paling en meerval wordt in Nederland ook op relatief kleine schaal met andere vissen gekweekt.

Nederlandse bedrijven importeren veel buitenlandse kweekvis. Niet alleen voor binnenlands gebruik, want het meeste wordt verder geëxporteerd naar andere landen binnen en buiten Europa. Veel van deze zogeheten bulkvis komt ons land binnen via de haven van Rotterdam. Die vis wordt diepgevroren in containers vervoerd en is een aantal weken onderweg vanuit met name Azië en Afrika.

Soms komt er ook via luchthaven Schiphol vis binnen. Dat is verse vis op ijs of vis die met de nieuwste koelmiddelen wordt behandeld. Luchttransport is vrij duur. Alleen waardevolle en snel bederfelijke vis of schaaldieren zoals tonijn en kreeft worden op deze manier geïmporteerd.

Wildgevangen tonijn wordt ingepakt voor export.

Wildgevangen tonijn wordt ingepakt voor export.ProSea

De tonijn wordt opgeslagen in een vrieshuis voordat het wordt geëxporteerd.

De tonijn wordt opgeslagen in een vrieshuis voordat het wordt geëxporteerd. ProSea

Tonijn wordt in Indonesië ingepakt om geëxporteerd te worden naar de Verenigde Staten en Europa.

Tonijn wordt in Indonesië ingepakt om geëxporteerd te worden naar de Verenigde Staten en Europa.ProSea

We leven in een wereld waar internationale markten en globalisering niet meer weg te denken zijn. In de visserij is dit ook voelbaar. De concurrentie met kweekvis is een grote uitdaging voor de aanvoerders van wildgevangen vis. Op de import van kweekvis heb je als visser zelf weinig invloed. Je kunt wel invloed hebben op de manier waarop je samenwerkt in de visketen, dus hoe jouw vis op de markt komt. De samenwerking met vishandelaren bepaalt hoe je de concurrentie met kweekvis aan kunt gaan.

4Keurmerken en certificeringen

Steeds meer mensen vragen zich af waar de producten die ze kopen en gebruiken vandaan komen en hoe ze geproduceerd worden. Ze kijken dan bijvoorbeeld naar kinderarbeid en de effecten van het product op het milieu. Dat geldt niet alleen voor voedingsmiddelen, maar ook voor bijvoorbeeld kleding. Er zijn steeds meer merken die laten zien dat hun producten op een verantwoorde manier tot stand zijn gekomen. Voorbeelden zijn Max Havelaar koffie en Kuyichi kleding, maar ook MSC vis. Dit doen ze aan de hand van keurmerken en certificeringen.

De kritische blik van de maatschappij betekent dat je als producent niet zomaar alles kunt doen op de manier waarvan jij denkt dat die goed is. De maatschappij moet de activiteiten van de producent accepteren. In het Engels noemen we dat ‘license to operate’ of ‘license to produce’.

Ook bij de visdetaillist zie je het MSC-keurmerk soms terug.Wouter Schuddebeurs/MSC

In de vissector spelen deze ontwikkelingen ook. Steeds meer supermarkten gaan over op de verkoop van verantwoorde vis. Ook de consument wordt mondiger en vraagt meer en meer om verantwoorde vis. Voor de vissector kan deze ontwikkeling een bedreiging zijn als jouw vis bijvoorbeeld in het ‘rood’ komt te staan op de Viswijzer. Maar aandacht voor verantwoorde vis is ook een kans. Als je als (toekomstige) visser kan laten zien dat jouw producten verantwoord zijn, geef je mensen een extra reden om jouw vis te kopen. Dat kan bijvoorbeeld met een keurmerk.

4.1Keurmerken, hoezo?

Je komt keurmerken overal tegen. In elke supermarkt zie je producten met logo’s zoals ‘bewuste keuze’, ‘EKO’, ‘fairtrade’ en ‘biologisch’. Ook restaurants profileren zich tegenwoordig met duurzame, fairtrade en/of biologische producten. Keurmerken beïnvloeden de markt, prijsvorming en imago. Ze worden steeds belangrijker. Een keurmerk helpt de consument bij het maken van verantwoorde keuzes, zoals ‘goed voor de gezondheid’, ‘goed voor het milieu’ en ‘goed voor het dierenwelzijn’.

Het EKO-keurmerk. EKO

Het biologisch keurmerk. Dusan Milenkovic

Het Fairtrade keurmerk.Fairtrade

Tegenwoordig zijn er zo veel verschillende producten te koop dat het heel belangrijk kan zijn om jouw product te onderscheiden van alle andere producten op de markt. Vooral wanneer andere producten goedkoper zijn dan die van jou. Denk bijvoorbeeld aan het prijsverschil tussen pangasius (relatief goedkoop) en schol (relatief duur). Als een consument alleen naar de prijs kijkt, blijft jouw schol in de schappen liggen. In zo’n geval kan een keurmerk de consument ervan overtuigen om toch jouw schol te kopen.

Een keurmerk brengt bij de consument de boodschap over dat ‘het wel goed zit’ met dat product. Het geeft vertrouwen. Gekeurde producten hebben vaak een hoge kwaliteit en zijn goed traceerbaar. Maar met alleen een keurmerk ben je er nog niet. Je moet kenbaar maken waar jouw product voor staat en waar het keurmerk over gaat. Naamsbekendheid en marketing bepalen uiteindelijk hoe succesvol een keurmerk is.

4.2Keurmerken in de visserij

Keurmerken komen ook steeds vaker voor in de visserij. In de tabel staat een opsomming. Daarna beschrijven we een aantal voorbeelden.

Keurmerken en labels voor wildgevangen vis.

Keurmerken en labels voor wildgevangen vis.LEI

Marine Stewardship Council (MSC)

Het Marine Stewardship Council (MSC) is een onafhankelijke, wereldwijde organisatie zonder winstoogmerk. Het werd in 1997 opgericht door Unilever en het Wereld Natuur Fonds (WNF). MSC wil via het keurmerk een bijdrage leveren aan de gezondheid van de oceanen wereldwijd door ecologisch duurzame visserijactiviteiten te belonen en door invloed uit te oefenen op de keuzes van de consument. De MSC certificeert alleen wild gevangen vis voor visserijen uit de hele wereld. Inmiddels dragen duizenden visproducten het logo.

Het MSC-logo.

Het MSC-logo.MSC

De MSC-certificering is een vrijwillige beoordeling waarbij wordt bepaald of een visser voldoet aan de criteria voor duurzaam vissen. Die criteria zijn in het kort:

  • De visserijdruk brengt duurzame exploitatie van het bestand niet in gevaar.
  • Er is minimale belasting op het ecosysteem waarvan de visserij afhankelijk is.
  • Het beheer is effectief en de visserij leeft alle wetten na.

MSC beoordeelt niet zelf, daar huren ze een onafhankelijk bureau voor in. Dit draagt bij aan de onafhankelijkheid van het keurmerk. Het MSC logo is uitgegroeid tot een op wereldschaal geloofwaardig, herkend en erkend vis eco- keurmerk.

Inmiddels zijn er ook voorbeelden van door Nederlandse visserijbedrijven gevangen vis met het MSC-logo, zoals Noordzeevisserij op haring en de Ekofish twinrigvisserij op schol. Andere bedrijfstakken, zoals de garnalenvisserij, werken hard om het MSC logo te krijgen.

De overhandiging van het MSC-certificaat aan de bemanning van de SCH22.

De overhandiging van het MSC-certificaat aan de bemanning van de SCH22.Wouter Schuddebeurs

Responsible Fishing Scheme

Het Responsible Fishing Scheme (RFS) heet in het Nederlands het Certificaat Verantwoordelijk Vissen (CVV). Het CVV beoordeelt vier zaken:

  • Visserijpraktijken; zoals selectiviteit van vismethoden.
  • Criteria voor schepen; bijvoorbeeld op het gebied van hygiëne en veiligheid.
  • Competenties van de bemanning.
  • Zorg voor milieuaspecten; door bijvoorbeeld verloren netten en afval in zee op te ruimen en bijvangst te minimaliseren.

Een visser met het Responsible Fishing Scheme certificaat.

Een visser met het Responsible Fishing Scheme certificaat.Responsible Fishing Scheme

Het certificaat garandeert de koper van vis dus dat de aanvoerder de vis op een verantwoorde manier heeft gevangen. Het CVV heeft geen criteria wat betreft de status van de te bevissen bestanden en de effecten van de visserij op het ecosysteem. Dat doet het MSC keurmerk wel. Het CVV is vooral bedoeld om goed gedrag te laten zien aan het bedrijfsleven, de handel en de rest van de visketen. Het aanvoerende schip kan zich op een positieve manier op de (wereld)markt profileren.

Friend of the Sea

Friend of the Sea (FOS) is een Italiaanse organisatie die vooral bekend en veelgevraagd is op de Zuid-Europese markt. Deze markt is de belangrijkste afzetmarkt voor Noordzeevis. Het is een van de eerste ecolabels die zowel wildvangst als kweekvis certificeert. Paolo Bray heeft FOS in 2007 opgericht als onafhankelijke organisatie.

Het keurmerk van Friend of the Sea.

Het keurmerk van Friend of the Sea.Friend of the Sea

Een FOS certificaat dekt de volgende gebieden:

  • Hoe staat het visbestand er voor.
  • Welke invloed heeft de visserij op het ecosysteem.
  • Selectiviteitscriteria.
  • Worden de wetten nageleefd.
  • Is het beheer op orde en effectief.
  • Hoe wordt er omgegaan met afvalstoffen (milieuvriendelijke bedrijfsvoering).
  • Hoeveel energie verbruikt de (kweek)visserij.
  • Sociale aspecten.

De vissers worden onafhankelijk beoordeeld, net als bij MSC. Een groot verschil met MSC is dat bij FOS de bewijslast niet bij de vissers ligt, maar bij eventuele bezwaarmakers. Daarbij is de procedure van certificering tot FOS veel korter. De kosten van het FOS-label zijn dus aanmerkelijk lager. In die zin is het een stevige concurrent van het MSC-label.

Er was veel discussie gaande over hoe geloofwaardig het FOS label is. Zo kreeg FOS op de ‘seafood summit’ in 2007 de kritiek dat ze niet voldoet aan de richtlijnen die de FAO heeft opgesteld voor eco-labelling. In 2009 schreef de minister van LNV in een brief aan de Tweede Kamer dat MSC het enige internationaal erkende ecolabel was voor een goed beheerde duurzame visserij. Inmiddels blijkt uit onderzoek van het LEI (Landbouw Economisch Instituut) dat naast MSC ook FOS voldoet aan het merendeel van de FAO richtlijnen. Sommige richtlijnen van de FAO kun je echter op verschillende manieren interpreteren: ze zijn niet eenduidig, aldus het LEI. FOS wordt internationaal erkend als ecolabel voor de visserij, zeker in Zuid- Europa.

Waddengoud

Het streekmerk Waddengoud voor producten uit het Waddengebied geeft een herkomst- en duurzaamheidsgarantie. Waddengoud hanteert de volgende criteria:

  • De grondstoffen van het product komen zo veel mogelijk uit de Waddenstreek.
  • Er wordt op een maatschappelijk aanvaarde duurzame wijze geproduceerd.
  • Lage milieubelasting.
  • Behoud van natuur- en landschapswaarden.
  • Oog voor dierenwelzijn.
  • Minimalisatie van transportbewegingen.

Deze criteria zijn goedgekeurd door de Waddenvereniging en Vogelbescherming Nederland. Ook is er onafhankelijke controle, om te zorgen dat vissers en verwerkers zich aan de afspraken houden. Een voorbeeld van een vissoort met het keurmerk Waddengoud is gerookte harder. Vissers vangen de harder op een kleinschalige en duurzame manier in de Waddenzee. De harderpopulatie wordt niet te zwaar bevist en vogels en zeehonden worden niet verstoord.

Het Waddengoud-keurmerk.

Het Waddengoud-keurmerk.Ecomare

VISwijzer

De VISwijzer is ontwikkeld om de consument bewuster te maken van duurzame vis, maar heeft ook invloed op het inkoopbeleid van de detailhandel. De VISwijzer is vanaf 2004 ontwikkeld door Stichting De Noordzee en wordt nu uitgegeven door de Good Fish Foundation. Vissen, schaal- en schelpdieren die in Nederland en België te koop zijn worden beoordeeld op duurzaamheid. Vissen kunnen vier verschillende kleuren krijgen:

  • Blauw; Kies het MSC keurmerk voor duurzame visserij en het ASC keurmerk voor verantwoorde kweek.
  • Groen; Goede vis, deze vis is niet overbevist of wordt zorgvuldig gekweekt, met minimale schade aan de natuur.
  • Geel; Deze vis is een tweede keus. Er zijn nog problemen met de visserij of kweek.
  • Rood; Koop deze vis niet, ze wordt overbevist of de manier van vangst of kweek is te belastend voor de natuur.

Bij de beoordeling van wild gevangen vis wordt gekeken naar:

  • De biologische kenmerken van de vis; sommigen vissoorten kunnen beter tegen bevissing dan andere soorten.
  • De effecten van visserij en vistechniek; zijn er veel bijvangsten? Veroorzaakt het vistuig schade aan de bodem?
  • (de effectiviteit van) beheersmaatregelen; dit gaat om zowel maatregelen van de overheid als maatregelen door vissers zelf.

De VISwijzer heeft ook een app uitgebracht waarop je alle informatie kunt terugvinden.

De VISwijzer heeft ook een app uitgebracht waarop je alle informatie kunt terugvinden.firestarters.nl
Kweekvis wordt ingedeeld door te kijken naar:
  • Het productiesysteem; hoeveel water en energie gebruikt het kweeksysteem
  • Samenstelling en hoeveelheid visvoer; waar komt het visvoer vandaan en hoeveel visvoer eet de gekweekte vissoort?
  • De effecten op de omgeving; wordt het water vervuild of kunnen ziektes verspreid worden?
  • De effectiviteit van het management/beheer; houdt de kweker rekening met de eisen van de overheid? En wat doet hij zelf extra?

 

Het is belangrijk om te weten dat de VISwijzer slechts advies geeft en dus geen keurmerk is.

Het is belangrijk om te weten dat de VISwijzer slechts advies geeft en dus geen keurmerk is.Good Fish Foundation

Niet elke visser is blij met dit gratis advies dat de VISwijzer aan consumenten geeft. Maar de VISwijzer heeft weldegelijk invloed. Zo stellen steeds meer consumenten in restaurants en in winkels vragen over de herkomst van vis. Maar de VISwijzer heeft ook invloed op ontwikkelingen in andere schakels van de Nederlandse visketen. Restaurants willen bijvoorbeeld weten of de vis op hun menu duurzaam gevangen of gekweekt is. Het restaurant van de Tweede Kamer koopt sinds 2008 vis in op basis van de VISwijzer. Center Parcs heeft alle vissoorten uit de rode kolom van de VISwijzer van hun menu verwijderd. Dat gebeurde in alle 14 vakantieparken in Nederland, België en Duitsland, waar dagelijks ruim 11.000 gasten komen eten.

Aquaculture Stewardship Council

Omdat MSC geen kweekvis beoordeelt, is hier een aparte instantie voor opgericht: het Aquaculture Stewardship Council (ASC). Het ASC is een keurmerk van het Wereld Natuur Fonds (WNF) en Initiatief Duurzame Handel (IDH). Het WNF en IDH wilden hiermee een standaard ontwikkelen voor verantwoorde viskweek.

Het ASC-keurmerk voor duurzaam gekweekte vis.

Het ASC-keurmerk voor duurzaam gekweekte vis.Voedingscentrum

Er zijn acht standaarden opgezet, voor twaalf vissoorten (zalm, pangasius, tilapia, garnalen, forel, abalone, oesters, twee soorten mosselen, St. Jakobsschelpen, horsmakreel en cobia).

In deze kooien worden vissen gekweekt.

In deze kooien worden vissen gekweekt.Wikimedia Commons

De criteria voor het ASC-keurmerk zijn als volgt:

  • Het kweekproces moet voldoen aan lokale en nationale wetgeving.
  • De lokale biodiversiteit en ecosystemen moeten worden beschermd, net als de gezondheid van wilde populaties. Kweekvis mag niet mengen met wilde populaties.
  • Voldoen aan de gestelde eisen voor het gebruik van grondstoffen; zo gelden er eisen aan het gehalte wilde vis in het visvoer, aan energiegebruik en uitstoot van broeikasgassen, aan afvalbeheer en gebruik van chemicaliën.
  • Men moet verantwoordelijk omgaan met het gebruik van medicijnen.
  • Veel viskweek vindt plaats in Aziatische landen. ASC stelt eisen op sociaal gebied voor werknemers; die volgen de acht belangrijkste ISO-normen (internationale eisen).

4.3Een woud aan keurmerken

Natuurlijk kan vis nog vele andere keurmerken bevatten, zoals het Duitse ‘Naturland’, het Engelse ‘Soil Association’, ‘Global Gap’, ‘Fairfish’, ‘Fishwise’, ‘Best Aquaculture Practice’, of ‘dolphin friendly’. Er zijn ontzettend veel keurmerken! Daar kan je als klant in de winkel wel eens flink van in de war raken.

De grote hoeveelheid keurmerken zorgt ook voor verwarring in de keten.

De grote hoeveelheid keurmerken zorgt ook voor verwarring in de keten.Fairtrade Utrecht

Niet alleen voor consumenten is het groot aantal keurmerken verwarrend. Ook de ketenpartners zijn niet altijd bekend met de inhoud en betekenis van de keurmerken. Zowel bij de aanvoer, schakels in de visketen en eindafnemers bestaat grote verwarring en zelfs totale onbekendheid over de betekenissen, verschillen en overeenkomsten tussen de huidige keurmerken en labels voor vis. Dat leidt tot het niet, verkeerd en/of anders gebruiken van het betreffende keurmerk of label. Er wordt al snel gedacht dat ieder keurmerk of label staat voor duurzaamheid, terwijl het bijvoorbeeld een keurmerk is voor kwaliteit of herkomst. Ook wordt al snel de conclusie getrokken dat ieder keurmerk voor kwaliteit staat, terwijl een duurzaamheidskeurmerk niets zegt over de kwaliteit van de vis.

De behoefte aan keurmerken bij de verschillende ketenpartijen (x = een specifieke behoefte/vraag).

De behoefte aan keurmerken bij de verschillende ketenpartijen (x = een specifieke behoefte/vraag).LEI

Lastig voor vissers die zich willen laten certificeren. Waar moet je voor gaan, welk keurmerk wordt het meest (h)erkend en heeft dus de grootste voordelen? Ook Productschap Vis hield zich hiermee bezig. Productschap Vis zat in een projectgroep die een groot aantal keurmerken met elkaar heeft vergeleken. In hun rapport staat dat scorelijsten (zoals de VISwijzer) en keurmerken het bewustzijn over duurzaamheid vergroten, maar dat er inderdaad op meerdere plekken in de keten verwarring bestond vanwege de grote hoeveelheid aan keurmerken. In het rapport staan aanbevelingen, die hopelijk meer duidelijkheid kunnen geven in het woud van viswijzers en keurmerken.

4.4De visketen en duurzaamheid: Wie bepaalt? Consument of handel?

Waar in de keten wordt gevraagd om duurzame vis? Natuurlijk ligt de vis uiteindelijk op het bord van de consument. Die moet de vis kopen. Consumenten kijken tot nu toe vooral naar prijs, kwaliteit en houdbaarheid van een product. Maar een ander deel van de consumenten doet ‘bewust’ inkopen en let daarbij op duurzaamheidaspecten. Deze consumenten zijn soms wel bereid wat meer voor duurzame producten te betalen. Maar momenteel zijn de detailhandel, zoals supermarkten en restaurantketens, de echte trendsetters op het gebied van duurzaamheid. Dat gebeurt soms als gevolg van acties van milieuorganisaties.

Stichting Wakker Dier is een voorbeeld van een organisatie die druk zet op supermarkten om hun aanbod aan te passen, bijvoorbeeld door gebruik te maken van bovenstaande reclame.

Stichting Wakker Dier is een voorbeeld van een organisatie die druk zet op supermarkten om hun aanbod aan te passen, bijvoorbeeld door gebruik te maken van bovenstaande reclame.Stichting Wakker Dier

5Visserij en maatschappij

In dit hoofdstuk staat de People P centraal, maar deze keer ligt de focus op de mensen buiten de sector. Dit onderdeel van duurzaamheid gaat over de zorg voor voldoende draagvlak voor de visserij in de maatschappij. Een samenleving die trots is op een visserij met toekomst, kan de visserij de ruimte geven om zich duurzaam te ontwikkelen. Als de maatschappij te weinig vertrouwen heeft in de visserij, dan kan dat leiden tot minder verkoop van vis, minder inkomsten, strengere regels en een onzekere toekomst. Dat moeten we voorkomen!

Visconsumptie

De maatschappij verandert voortdurend en de visserij reageert daarop en ontwikkelt mee. Maar de visserij kan ook uit zichzelf veranderen. Zo heeft vis een goed imago. Het gezondheidsaspect van vis wordt steeds belangrijker voor de (Nederlandse) consument. Het voedingscentrum adviseert Nederlanders om twee keer per week vis te eten, waarvan één keer een vettere vissoort. Vis levert namelijk veel waardevolle voedingstoffen: eiwitten van hoge kwaliteit, goede vetten, vitamines en mineralen. Het eten van vis kan bescherming bieden tegen hart- en vaatziekten en is gunstig voor de ontwikkeling van hersenen en ogen.

Het gezegde “Zo gezond als een vis” bestaat niet voor niets, want vis bevat veel vitamines, mineralen, eiwit, ijzer en gezonde vetten.Visrecepten.nl

Nederlanders eten niet zo veel vis, schaal- en schelpdieren. Zo eten Nederlanders wekelijk gemiddeld 70 gram vis. Dit komt overeen met het 1x in de 2 weken eten van vis. Hiermee zitten de meeste Nederlanders onder het gemiddelde van 1x per week, zoals het Voedingscentrum adviseert. Er zijn ook veel mensen die helemaal geen vis eten. Nederlanders kopen vooral zalm (gerookt, diepvries en vers), haring, tonijn in blik, kibbeling en lekkerbek.

5.1Het imago van de visserij

Er wordt wel eens gezegd dat er niet gesproken moet worden over drie P’s, maar over vier P’s. Veel mensen in de vissector hebben hun hart verpand aan hun beroep. Het visser zijn is niet zomaar een beroep, maar een onderdeel van wie je bent, van je identiteit. Je kunt spreken van de vierde P; de P van Pride (trots).

Veel vissers maken deel uit van vissersfamilies, die al generaties lang actief zijn op de Noordzee. Daardoor hebben ze ook veel kennis, waar ze trots op zijn. Hierdoor is het soms lastig om met maatschappelijke kritiek om te gaan. Veel vissers voelen het als een persoonlijke aanval. Ook vinden vissers het moeilijk te accepteren dat ‘stadse mensen’ zich opeens met de zee gaan bemoeien en allerlei eisen gaan stellen. Dat terwijl zij, de vissers, er al eeuwen vissen.

Imago visserij

Het beeld dat de gemiddelde Nederlander heeft over ‘de visserij’ (het imago = hoe anderen over jou denken) kan wel eens anders zijn dan het beeld dat vissers zelf van de visserij hebben. Menig visser is trots op zijn beroep en identiteit. Maar wat denkt de gemiddelde Nederlander over de visserij? Dat de meeste Nederlanders weinig weten over de visserij, het visserijbeheer en het dagelijks werk van de visser bleek uit onderzoek uitgevoerd door TNS NIPO in 2015 (zie onderstaand figuur).

Het onderzoek van TNS NIPO toonde aan dat 79% van de mensen helemaal niet tot niet zo bekend was met de visserij. Slechts 21% was (enigszins) bekend met de Nederlandse visserijsector.

Het onderzoek van TNS NIPO toonde aan dat 79% van de mensen helemaal niet tot niet zo bekend was met de visserij. Slechts 21% was (enigszins) bekend met de Nederlandse visserijsector. TNS NIPO

Uit een onderzoek naar beeldvorming in de visserij, uitgevoerd in 2015, bleek dat Nederlanders die wel iets zeiden te weten over de visserij het vooral hebben over kwesties als overbevissing in negatieve zin. In positieve zin spraken mensen over vissers als voedselleveranciers en het respect voor het harde bestaan van de visser, zoals te zien is in onderstaand figuur.

Bij het beoordelen van de Nederlandse visserijsector gaven de ondervraagde mensen overbevissing, negatieve berichtgeving en het nog niet duurzaam/verantwoord vissen op reden voor een negatieve beoordeling. De ondervraagde mensen met een positieve beoordeling droegen juist het belang van vis als bron van voedsel, de positieve verhalen en het respect voor het vissersberoep aan als reden voor een positieve beoordeling.

Bij het beoordelen van de Nederlandse visserijsector gaven de ondervraagde mensen overbevissing, negatieve berichtgeving en het nog niet duurzaam/verantwoord vissen op als reden voor een negatieve beoordeling. De ondervraagde mensen met een positieve beoordeling droegen juist het belang van vis als bron van voedsel, de positieve verhalen en het respect voor het vissersberoep aan als reden voor een positieve beoordeling.TNS NIPO

Onheilspellende berichten over vis

Mensen in de maatschappij vormen hun beeld over de visserij meestal op basis van artikelen in de krant, programma’s op tv of via verhalen op internet. Visserij en visbestanden komen regelmatig negatief in het nieuws en worden vaak besproken vanuit wereldperspectief. Mensen worden zo geconfronteerd met de algemene achteruitgang van de visbestanden in de wereldzeeën. Volgens cijfers van de Voedsel- en landbouworganisatie (FAO) van de Verenigde Naties wordt jaarlijks bijna 80 miljoen ton zeevis gevangen. In 2011 was 33,1% van de visbestanden wereldwijd overbevist.

In dit figuur zie je hoe de visbestanden zich wereldwijd hebben ontwikkeld sinds 1975. Het oranje gedeelte toont het percentage van de visbestanden die wereldwijd overbevist worden. Dit was 33,1% in 2015. Het blauwe gedeelte toont het percentage duurzaam beviste bestanden wereldwijd. Hierbij maakt men onderscheid tussen maximaal duurzaam beviste bestanden (59,9% in 2015) en onderbeviste bestanden (7% in 2015). Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO)

Ook komen kritische wetenschappers zoals Daniel Pauly en Boris Worm in de krant, die de visserij en visbestanden op wereldschaal onderzoeken. De documentaire ‘The end of the line’ (2009) laat zien dat wetenschappers hebben berekend dat de vis op wereldschaal veel sneller dan tot dusver werd aangenomen verdwijnt. Pauly waarschuwt dat we het risico lopen dat er binnenkort alleen nog kwallen en plankton in zee zwemmen, wanneer alle grote roofvissen uit het ecosysteem worden weggevist.

Visserijbioloog Daniel Pauly kwam in 1998 met de term ‘Fishing down the foodweb’. Hiermee shockeerde hij en zijn collega’s de wereld met het bericht dat de commerciële visserij wereldwijd bezig is om vooral de top van de voedselketen weg te vissen. Hierbij kun je denken aan grotere vissoorten, zoals tonijn, kabeljauw en zwaardvis. Volgens deze theorie gaan vissers zich op steeds kleinere vissen richten zodra de grote vissen zijn opgevist. Hans Hillewaert

Voor het grote publiek is het soms moeilijk om het verschil te zien tussen de visserij op wereldschaal en de visserij op de Noordzee. Mensen in de maatschappij maken zich dan ook zorgen over visbestanden en vragen zich af of het nog wel verstandig is om vis te eten. Dit terwijl het met de meeste commerciële visbestanden in de Noordzee, zoals tong en schol, goed gaat. Ook is de visserijdruk op veel commerciële bestanden in de Noordzee flink afgenomen. Op regionaal niveau kan het verhaal dus wel anders liggen dan de krantenkoppen je soms doen geloven.

Communicatie

Om ervoor te zorgen dat het imago van de visserij meer op de eigenlijke identiteit gaat lijken, is het belangrijk om het brede publiek goed te informeren. Daarbij moet je het niet alleen hebben over de visserij op wereldschaal, maar ook over de visserij in Europa of op onze eigen Noordzee. Dat betekent communicatie! Een goede communicatiestrategie is nodig om de burgers van Europa beter te informeren over de realiteit van de visserij, met name over de initiatieven die ondernomen worden richting een duurzaam en verantwoord beheer van de visbestanden. Draagvlak in de maatschappij is namelijk van levensbelang voor een duurzame visserij!

In sommige visserijbedrijven is ook een belangrijke rol weggelegd voor de vissersvrouwen wat betreft communicatie.Bas Kohler

5.2Maatschappelijke organisaties

Alle mensen in Nederland samen vormen de maatschappij. Iedereen kan zelf bepalen wat hij of zij vindt van de visserij. Al die meningen bij elkaar vormen de mening van de maatschappij. Door goed op te letten wat er in de maatschappij speelt, kan de visserij een indruk krijgen van wat de maatschappij wil. Dat is niet makkelijk. Je kunt moeilijk alle Nederlanders om hun mening vragen. Veel makkelijker is het om te luisteren naar wat maatschappelijke organisaties te vertellen hebben.

Er zijn verschillende maatschappelijke organisaties in Nederland die zich bezighouden met vis, visbestanden en de visserij. Deze maatschappelijke organisaties zijn onafhankelijk van de overheid en worden daarom ook wel ngo’s (niet-gouvernementele organisatie) genoemd. Deze ngo’s richten zich op de een of andere manier op het maatschappelijk belang. Het gaat meestal om organisaties die werken aan het bevorderen van natuurbehoud en milieubescherming. Soms hebben deze organisaties leden die hun werk financieel steunen. Hieronder staan een aantal voor de visserij belangrijke maatschappelijke organisaties.

Wereld Natuur Fonds (WNF)

Het Wereld Natuur Fonds (WNF) heeft ongeveer 760.000 leden in Nederland en zet zich in voor natuurbescherming over de hele wereld.

Het WNF-logo.

Het WNF-logo.Wereld Natuur Fonds

Hun missie is even uitdagend als helder: werken aan een wereld waarin de mens leeft in harmonie met de natuur. Een vitale en veerkrachtige natuur, die we vol trots kunnen doorgeven aan de generaties na ons. Ze hebben 7 belangrijke doelen:

  1. Broeikasgas met 40% verminderen
  2. Impact van ons voedselsysteem halveren
  3. Rivieren schoon en stromend houden
  4. Ontbossing stoppen
  5. Duurzame visserij verdubbelen
  6. Illegale handel in dieren en planten stoppen
  7. 30% van het land en zee beschermen

Stichting de Noordzee

Stichting De Noordzee heeft als missie om te streven naar een bloeiende, duurzame Noordzee voor natuur en mens. Een zee met een goed functionerend ecosysteem dat invloeden van buiten veerkrachtig opvangt. De Noordzee wordt duurzaam gebruikt. Dat betekent dat de grens voor menselijk gebruik wordt bepaald door wat het ecosysteem aankan, zodat ook onze kinderen en de generaties erna van de Noordzee en haar natuur kunnen genieten. Dit zijn de belangrijkste thema’s:

  • Beschermde natuurgebieden
  • Schone zee
  • Duurzame visserij
  • Natuurvriendelijke energie

Het logo van Stichting De Noordzee.

Het logo van Stichting De Noordzee. Stichting de Noordzee

Greenpeace

Greenpeace heeft ongeveer 320.000 donateurs in Nederland en is een van de grootste en bekendste milieuorganisaties ter wereld. Greenpeace heeft als missie om vastberaden en inventief in actie te komen voor een groene, vreedzame wereld. Ze nemen het op tegen bedrijven die het milieu schade toebrengen en overheden die niet genoeg doen om het te beschermen.

Het logo van Greenpeace.

Het logo van Greenpeace.Greenpeace

Greenpeace wil dat de Noordzee beter wordt beschermd, bijvoorbeeld door het aanwijzen van meer beschermde gebieden. In 2009 en in 2015 bracht Greenpeace beschermde gebieden op de Noordzee onder de aandacht door stenen in zee te storten. Deze rotsblokken waren een signaal naar de politiek dat ze haast moesten maken met de bescherming van de gebieden, maar hinderden ook de bodemvisserij. Deze actie leverde veel kritiek op vanuit het ministerie en de visserijsector en leidde in 2015 tot een rechtszaak van de visserijsector tegen Greenpeace.

De door Greenpeace gedumpte keien worden door een bergingsschip weer aan wal gebracht.

De door Greenpeace gedumpte keien worden door een bergingsschip weer aan wal gebracht. Nederlands Visbureau

Good Fish Foundation

De Good Fish Foundation stelt zich ten doel de transitie naar een duurzame en verantwoorde visserij en visteelt te bevorderen door de vraag naar goede vis te vergroten en consument en ondernemer te ondersteunen bij een verantwoorde keuze. De stichting richt zich primair op de visaanvoer, verwerking, consumenten, handel en overheid in Nederland en Europa.

Het logo van de Good Fish Foundation.Good Fish Foundation

Waddenvereniging

De Waddenvereniging heeft 35.000 leden. Ze streven naar behoud, herstel en goed beheer van natuur, landschap en milieu en van de ecologische en cultuurhistorische waarden van het waddengebied, waaronder begrepen het noordelijk zeekleigebied, en de Noordzee als onvervangbare en unieke natuurgebieden. De vereniging stelt zich tevens ten doel de bevordering van de belangstelling voor deze gebieden. In haar handelen gaat zij uit van het besef, dat de mens onderdeel is van het ecosysteem.’

Het logo van de Waddenvereniging.

Het logo van de Waddenvereniging. Waddenvereniging

5.3Kritiek van maatschappelijke organisaties op de visserij

Maatschappelijke organisaties volgen de visserij kritisch. De kritiek van deze organisaties richt zich vooral op vier problemen:

  • Visserijdruk
  • Bijvangsten
  • Bodemberoering
  • Brandstofgebruik

Visserijdruk

Maatschappelijke organisaties wijzen op de problemen van de wereldwijde hoge visserijdruk. Als de visserijdruk hoog is en er dus (te)veel gevist wordt, dan kan dat gevolgen hebben voor het visbestand. Hierdoor kan er te weinig vis in zee overblijven. Dat is een probleem voor de visserij, want de aanwas van jonge vis kan verminderen als er te weinig ouderdieren zijn. Zo kunnen visbestanden instorten. Een hoge visserijdruk kan er ook toe leiden dat het ecosysteem in de zee uit balans raakt, want soorten zijn met elkaar verbonden in een voedselweb.

Bijvangsten en discards

Maatschappelijke organisaties hebben kritiek op het overboord gooien van ongewenste bijvangst in de visserij en vinden al jaren dat daar iets aan moet gebeuren. De EU vindt dat nu ook en heeft in het nieuwe Gemeenschappelijk Visserijbeleid de aanlandplicht opgenomen. Deze aanlandplicht werd vanaf 2015 geleidelijk ingevoerd. Met deze regel probeert het Gemeenschappelijk Visserijbeleid om vissers selectiever te laten vissen. Hierdoor zal er minder ongewenste bijvangst gevangen worden.

Visserij, Aanlandplicht, Bijvangst, Discards, Vist ik het maar, Vistikhetmaar, Kottervisserij, Boomkor, Schol, Tong

De vangst van een visser bestaat uit drie delen. Je hebt de doelsoort (bij boomkor vaak schol en tong) waar je gericht op vist. Er komen ook soorten in het net terecht waar je niet gericht op vist, dit noem je de bijvangst. Sommige soorten die bijgevangen worden neemt de visser graag mee als de regelgeving dat toelaat, zoals griet en tarbot in dit voorbeeld. Daarnaast vang je ook vissen die ondermaats (te kleine vis) of ongewenst zijn (benthos zoals zeesterren).ProSea

Vooral in de gemengde bodemvisserij  is er veel bijvangst. Naast de doelsoort worden ook andere vissen gevangen, dit noemt men bijvangst. Sommige soorten die bijgevangen worden neemt de visser graag mee als de regelgeving dat toelaat, zoals griet en tarbot in dit voorbeeld. Dit deel noem je de gewenste bijvangst. Verder vang je ook vissen die ondermaats (te kleine vis) of ongewenst zijn (benthos zoals zeesterren). Dit deel van de vangst noem je de ongewenste bijvangst.

Voor de invoering van de aanlandplicht mochten ondermaatse vissen niet worden aangeland en gingen daarom overboord als discards. Ook soorten vis waar geen markt voor is en ander zeeleven zoals zeesterren en zeeanemonen, gingen weer overboord. Verder vangen vissers soms vis bij die ze wel willen hebben, maar niet mogen aanlanden, omdat het quotum vol zit. Ook die ging weer overboord.

Voor een deel is de discussie over discards een ethische discussie. Is het overboord gooien van ondermaatse schol in de tongvisserij erg als het scholbestand op orde is? De één vindt van wel, want het is verspilling; zowel economisch als ecologisch. De ander vindt van niet, want een sterk scholbestand moet daar tegen kunnen en de discards zijn voedsel voor andere dieren. Ook blijft een deel van de discards in leven nadat het terug in zee gegooid wordt. Toch moet je als vissector iets met die discards, zeker met de nieuwe regelgeving. Met de aanlandplicht wordt een eind gemaakt aan het overboord gooien van vis. In de toekomst moet alle ondermaatse gequoteerde vis mee naar land. Ander zeeleven en beschermde soorten moeten nog wel worden teruggegooid.

De aanlandplicht zorgt voor veel discussie tussen voorstanders, die discards zien als verspilling (links) en tegenstanders die het meenemen van discards juist als verspilling zien (rechts).

De aanlandplicht zorgt voor veel discussie tussen voorstanders, die discards zien als verspilling (links) en tegenstanders die het meenemen van discards juist als verspilling zien (rechts).Het proeflokaal & Visserijnieuws

De aanlandplicht is het resultaat van het gevecht van bekende chef-koks tegen de ‘discards’. In Groot Brittannië is de chef-kok Hugh Fearnley-Whittingstall met een grote mediacampagne begonnen om het probleem van discards onder de aandacht te brengen. Hij wordt geholpen door de Marine Conservation Society (MCS). Door zijn actie is de aandacht van de maatschappij en de politiek nog meer gevestigd op de discards en dat heeft onder andere de aanlandplicht als gevolg gehad. De EU heeft de aanlandplicht namelijk niet ingevoerd omdat het slecht zou gaan met de visstand, maar omdat ze de mening van de maatschappij volgt en voedselverspilling wil tegengaan. Zo zie je dat de People P, de mening van de maatschappij, grote effecten kan hebben, ook voor de visserij.

De chef-kok Hugh Fearnley-Whittingstall kreeg veel media-aandacht in zijn strijd tegen discards. Veel mensen steunden zijn strijd, zoals ook te zien is op deze afbeelding met de tekst ‘’You can’t ignore 706.381 people’’. Dat betekent dat al 706.381 mensen zijn actie steunden en zo’n groot aantal kan men niet negeren.

De chef-kok Hugh Fearnley-Whittingstall kreeg veel media-aandacht in zijn strijd tegen discards. Veel mensen steunden zijn strijd, zoals ook te zien is op deze afbeelding met de tekst ‘’You can’t ignore 706.381 people’’. Dat betekent dat al 706.381 mensen zijn actie steunden en zo’n groot aantal kan men niet negeren.The Sustainable Restaurant Association

Bodemberoering

Maatschappelijke organisaties vragen ook aandacht voor de bodemsleepnetten die de structuur van de bodem en de samenstelling van het bodemleven veranderden. Met name de boomkorvisserij met kettingen of zware matten wordt bekritiseerd.

Verschillende wetenschappelijke studies tonen aan dat de hoeveelheid ongewervelde dieren die in én op de zeebodem leven vermindert door bodemberoerende visserij. In de Noordzee zijn veranderingen opgetreden in de soortensamenstelling van dieren. Zo komen langlevende soorten, zoals de Noordkromp, tegenwoordig minder voor. De Noordzee heeft daarentegen nu veel meer wormen, zeesterren en krabben dan 100 jaar geleden. Snelgroeiende bodemdieren, zoals wormen, kunnen toenemen op plekken waar door veel bodemberoering de langzaam groeiende en grotere bodemdieren minder kans op overleven hebben.

. Gevolgen van bodemberoering zijn zichtbaar door te kijken naar de soortensamenstelling. Hier zie je dat er andere soorten voorkomen op de ongestoorde bodem (links) en een omgewoelde bodem (rechts).

Gevolgen van bodemberoering zijn zichtbaar door te kijken naar de soortensamenstelling. Hier zie je dat er andere soorten voorkomen op de ongestoorde bodem (links) en een omgewoelde bodem (rechts).Ecomare

Veel vissers zien bodemberoering juist als iets positiefs. Volgens meerdere vissers is het zelfs essentieel voor een gezonde platvisstand. Er is ook wetenschappelijk onderzoek dat de ideeën van de vissers ondersteunt. Het toont aan dat schol inderdaad meer voedsel kan vinden op een zeebodem die in zekere mate beroerd wordt. Dat zou komen doordat kortlevende wormen goed gedijen bij bodemberoering en juist die wormen eet de schol graag!

Maar NGO’s willen niet alleen schol in zee. Ze pleiten voor een zo divers en natuurlijk mogelijk ecosysteem. Met de langlevende en traag groeiende bodemdieren die daar ook bijhoren.

Brandstofverbruik

Voordat een visje op ons bord belandt, is vaak veel CO2 de lucht ingeblazen. Hierdoor draagt de visserij bij aan klimaatverandering (zie lesboek ‘’Milieu’’). Met name de boomkorvisserij gebruikt veel fossiele brandstof. Nederlandse boomkorkotters met een motorvermogen tussen de 1.500 en 2.000 pk verbruiken veel brandstof, ongeveer 25.000 tot 30.000 liter per week. Veel vissers zijn de afgelopen jaren overgegaan op vismethoden die minder brandstof gebruiken, zoals de twinrig-, pulskor- of flyshootvisserij.

De Nederlandse visserijsector is de laatste jaren erg succesvol geweest in het terugdringen van het brandstofverbruik. Deze besparing is goed voor milieu, mens en portemonnee. Wageningen Economic Research

5.4Wat doen de maatschappelijke organisaties?

Maatschappelijke organisaties proberen op verschillende manieren invloed uit te oefenen op de visserij. Ze proberen ervoor te zorgen dat de regels en wetten zo worden gemaakt dat het de visserij in de door hun gewenste richting stuurt. Dat kan door lobbyen en vergaderen, maar ook door acties. Zo sporen ze bijvoorbeeld de Nederlandse en de Europese regering aan om de afspraken over de beschermde gebieden na te komen. Soms stappen ze ook naar de rechter om ervoor te zorgen dat de wetten op een goede manier worden uitgevoerd.

De ngo Our Fish heeft een serie foto’s gepubliceerd, waarop bekende Nederlanders naakt poseren met een dode vis. Hiermee wilde Our Fish aandacht vragen voor overbevissing. Deze actie kreeg veel media-aandacht en kon ook op een ludieke tegenactie van poserende vissers rekenen. Alan Gelati

Maatschappelijke organisaties richten zich ook op de visetende mens, de consument. Ze proberen consumenten ervan te overtuigen alleen nog maar duurzame vis te kopen, bijvoorbeeld door het maken van de Viswijzer. Sommige maatschappelijke organisaties proberen ook om met de visserijsector samen te werken aan verbeteringen.

Op sommige punten lukt het de visserijsector om samen te werken met maatschappelijke organisaties. Zo werd er een akkoord gesloten tussen de Pelagic Freezer-trawler Association (PFA) en Greenpeace over duurzame visserij.Cornelis Vrolijk

Milieuorganisaties vragen om verduurzaming

Milieuorganisaties vestigen de aandacht op verduurzaming in de hele keten, van aanvoersector tot aan de keuze van de consument. Milieuorganisaties willen duidelijkheid over waar de verkochte vis vandaan komt en hoe die gevangen is. Dat komt omdat ze zich zorgen maken over de mate van bevissing en de gevolgen daarvan voor de visstand en het ecosysteem. Om iets te kunnen zeggen over waar en hoe een vis gevangen is, moet de keten transparant zijn. Daarnaast kunnen keurmerken de consument helpen om te kiezen voor producten die door een (onafhankelijke) partij gecertificeerd zijn als zijnde ‘duurzaam’. Milieuorganisaties proberen verschillende schakels in de keten te beïnvloeden.

6Marketing en reclame

Marketing is verkoopondersteuning. Voor een goede marketing is het belangrijk dat een bedrijf begrijpt wat klanten willen en dat je hier als bedrijf op in gaat spelen. Marketing is heel goed luisteren naar de klant. Vaak wordt gesproken over de marketinginstrumenten Product, Prijs, Promotie en Plaats:

  • Product; is datgene dat verkocht moet worden. Het is belangrijk dat dit product aansluit bij de wensen en behoeften van de klant.
  • Prijs; welke prijs ga je vragen voor het product? Hoge prijzen geven vaak het signaal af dat de kwaliteit van het product hoog is. Het geven van korting is een marketingtruc. Korting kan consumenten ertoe bewegen een product één keer te kopen, waarna ze het misschien wel blijven kopen.
  • Promotie; onder promotie vallen onder meer adverteren, verkooppromoties in de winkel en publiciteit. Reclame valt dus onder promotie.
  • Plaats; de plaats is zowel letterlijk de plek waar het product verkocht wordt, als ook de doelgroep waarop de marketing zich richt, bijvoorbeeld jongeren, gezinnen met kinderen, vrouwen, etc.

De 4 P’s worden hier iets uitgebreider toegelicht.

De 4 P’s worden hier iets uitgebreider toegelicht.Quality Logo Products

Een product aan de man brengen is veel meer dan alleen maar vertellen dat het product lekker is. Bedrijven als Heineken, Nike en Coca Cola besteden veel tijd en energie om hun producten een imago mee te geven, zodat hun doelgroep graag hun producten koopt.

6.1Reclame

Reclame is onderdeel van marketing en speelt een grote rol in ons dagelijks leven. Overal waar we kijken is reclame: op televisie, in bushokjes, kranten, tijdschriften en zelfs in films (de sluikreclames). We hebben ook steeds meer reclame-typetjes die iedereen kent, zoals Cora van Mora en Frank Lammers als het gezicht van alle Jumbo reclames.

In ons dagelijks leven worden we omringd door reclame. Times square in New York is hier een extreem voorbeeld van.ProSea

Overal proberen bedrijven ons ervan te overtuigen dat we hún producten moeten kopen. Sommige mensen vinden dat leuk en kijken graag naar (grappige) reclames. Maar er zijn ook mensen die zich ergeren aan reclame en gaan zappen. Of die een NEE sticker op hun brievenbus hebben, zodat ze geen stapels folders krijgen.

Over het algemeen werkt reclame erg goed. Het doet de verkoop van producten stijgen. Bedrijven geven er veel geld aan uit. Reclame geeft informatie over wat er te koop is. Dat gebeurt op zo’n manier, dat consumenten het product willen gebruiken.

6.2Marketing en reclame van vis in Nederland

In Nederland helpt het Nederlands Visbureau sinds 1984 de algemene visconsumptie te bevorderen. Daarvoor voert zij nationale publiekscampagnes, zoals ‘Vis van de maand’, ‘Veiling vaatje eerste Hollandse Nieuwe’ en ‘de Seafood Expo Global Brussel’.

Het logo van het Nederlands Visbureau.

Het logo van het Nederlands Visbureau.Nederlands Visbureau

De Nederlandse consument eet gemiddeld slechts twee keer per maand vis, terwijl de overheid adviseert dat twee keer per week te doen. Dat betekent dat er nog veel werk te verzetten is. Niet alleen voor het Nederlands Visbureau, maar voor iedereen die iets met vis te maken heeft.

Het Nederlands Visbureau heeft daarom allerlei middelen ontwikkeld waarmee groothandel en detailhandel op een eenvoudige manier aan de slag kunnen. Zo ontwikkelen ze onder andere promotiemateriaal voor winkels. Het Nederlands Visbureau promoot vis op de Nederlandse markt en vis uit Nederland op exportmarkten, bijvoorbeeld Zuid-Europa.

Er worden door het Nederlands Visbureau allerlei promotiecampagnes gevoerd, zoals voor de Hollandse garnaal.Nederlands Visbureau

Een jaarlijks terugkerende campagne is Vlaggetjesdag. Dit is de viering van de komst van de Hollandse Nieuwe. Dit gebeurt jaarlijks in juni. Oorspronkelijk was Vlaggetjesdag de dag waarop vissersschepen met vlaggetjes versierd in de haven lagen voordat ze eropuit trokken om haring te vangen. Dat is tegenwoordig anders. Nu vieren we de komst van de Hollandse Nieuwe. Een aantal dagen voorafgaand aan Vlaggetjesdag wordt het eerste vaatje nieuwe haring geveild. De opbrengst, die ieder jaar anders is, gaat naar een goed doel.

Veiling eerste vaatje Hollandse Nieuwe in 2019.Nederlands Visbureau

7Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen

Veel ondernemers en bedrijven hebben het tegenwoordig over maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) en duurzame bedrijfsvoering. Maar wat is dat nou eigenlijk en hoe doe je dat nou als ondernemer in de visserij? In dit hoofdstuk wordt beschreven wat MVO inhoud en hoe je daar als ondernemer mee om kunt gaan binnen je bedrijf. Allereerst zullen we ingaan op wat MVO precies betekend. Daarna zullen we een aantal concrete voorbeelden geven van ondernemers binnen de visserij die zich binnen hun bedrijfsvoering bezig houden met MVO. Het is belangrijk om te weten dat MVO voor ieder bedrijf verschillend is en dat MVO geen eindbestemming heeft. MVO is namelijk een proces waarbij de doelen voor je bedrijf veranderen naar verloop van tijd en waar bedrijfsbeslissingen ook invloed op hebben.

Als visser ben je ondernemer, maar je kunt op vele manier ondernemen. Tegenwoordig zijn er steeds meer bedrijven die Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen.

Als visser ben je ondernemer, maar je kunt op vele manier ondernemen. Tegenwoordig zijn er steeds meer bedrijven die Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen.RVO

7.1Wat is MVO?

Net als bij duurzaamheid, moet je bij MVO rekening houden met drie verschillende gebieden, namelijk met het economische (Profit), ecologische (Planet) en het sociale (People) gebied. Dit noemt men ook wel de drie P’s. Een ondernemer die maatschappelijk verantwoord wil ondernemen streeft ernaar om deze drie P’s te combineren binnen zijn bedrijf. Wanneer een ondernemer zich namelijk richt op slechts één van deze P’s, zoals winst, dan zal dat ten koste gaan van de mens en het milieu. Dit betekent niet dat geld verdienen niet belangrijk is, sterker nog, geld verdienen is essentieel als je maatschappelijk verantwoord wilt ondernemen. Je kunt namelijk de beste bedoelingen hebben met de P’s van Planet en People, maar zonder geld houdt het voor een ondernemer al snel op. Het is verstandig om ernaar te streven om op alle drie de P’s een voldoende te scoren. Daarbij mag je best op het ene onderdeel hoger scoren dan op het andere deel, maar het gaat erom dat je op alle drie de gebieden uiteindelijk een voldoende scoort.

Bij MVO draait het om het combineren van de 3 P’s, welke staan voor Profit, Planet en People.

Bij MVO draait het om het combineren van de 3 P’s, welke staan voor Profit, Planet en People.

 

7.2Waarom MVO?

Iedere ondernemer heeft andere redenen om bezig te zijn met MVO. Vaak worden deze redenen onderverdeeld in de volgende drie categorieën:

  • MVO omdat het loont: MVO draagt bij aan de financiële prestaties van bedrijven. Er is een stijgende vraag naar duurzame producten en diensten vanuit de samenleving. Maar MVO kan bijvoorbeeld ook de arbeidsproductiviteit verhogen (afname ziekteverzuim).
  • MVO omdat het moet: Hierbij wordt een ondernemer min of meer gedwongen om maatschappelijk verantwoord te ondernemen, doordat ze niet voldoen aan de maatschappelijke norm. Hierdoor verliezen de bedrijven hun ‘’license to produce’’ . Dat kan resulteren in consumentenboycots, mediaschandalen, stakingen of ingrijpen van de overheid. Bedrijven die zich wel met MVO bezig houden krijgen over het algemeen minder te maken met dergelijke acties en boycots.
  • MVO omdat het hoort: Sommige ondernemers kiezen bewust voor MVO, omdat ze een steentje willen bijdragen aan de maatschappij en ze het milieu zo min mogelijk willen belasten. Oftewel, deze ondernemers vinden dat het zo hoort. Vaak vormt duurzaamheid de kern van hun bedrijfsstrategie.

7.3Hoe moet je MVO?

Iedere ondernemer zal zelf moeten bepalen hoe hij of zij aan de slag wil gaan met MVO binnen het bedrijf. Over het algemeen kun je gebruik maken van vier stappen voor het opstellen van een succesvol en gedragen MVO beleid. Deze vier stappen zijn als volgt:

  • Opstellen van een visie en missie
  • Het opstellen van een MVO plan
  • Uitvoeren van het opgestelde MVO plan
  • Aanvullen of verbeteren van het MVO plan

Opstellen van een visie en een missie

Bij het opstellen van een visie moet je als ondernemer bedenken hoe jij onderscheidend wilt zijn van anderen en waar je invloed op wilt hebben met jouw bedrijf. In de visie benoem je de ambities die jij met je bedrijf hebt. Daarbij kijk je naar de wereld van nu en de kansen in de toekomst en beschrijf je de gewenste droomsituatie. De visie van je bedrijf is vooral gericht op hoe jij het bedrijf naar buiten toe wilt presenteren.

Door middel van je missie geef je aan wie je bent, wat je doet en wat je wil bereiken. Je missie is tijdloos, maar wel toe te passen op dit moment. Een missie staat dus, in tegenstelling tot een visie, niet voortdurend ter discussie. Het richt zich met name op de mensen die binnen je bedrijf werken.

Voor het opstellen van een visie en missie moet je rekening houden met bovenstaande punten.

Voor het opstellen van een visie en missie moet je rekening houden met bovenstaande punten. frankvanormondt.nl

Bij het opstellen van een visie en missie kun je rekening houden met de punten die genoemd worden in bovenstaand figuur. Het is vaak handig om samen met stakeholders te kijken naar wat belangrijke thema’s zijn binnen jouw sector. Dit kan namelijk leiden tot nieuwe inzichten en je creëert steun voor jouw visie en missie binnen én buiten je bedrijf.

Opstellen van een MVO plan

Na het bedenken van je visie en missie is het tijd om na te denken over hoe je hieraan wilt gaan voldoen, want het is belangrijk dat het niet alleen bij mooie woorden blijft. Als het goed is heb je bij het opstellen van je visie en missie een goed overzicht gekregen van de thema’s die in jouw sector belangrijk zijn en waar je aan wilt werken. Er is een plan nodig met doelstellingen om aan deze thema’s te werken. Deze doelstellingen noem je ook wel je MVO-doelstellingen genoemd.

Bij het bepalen van de MVO-doelstellingen moet je rekening houden of de doelstellingen SMART zijn. Dat betekend dat je MVO-doelstellingen specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden zijn (zie onderstaand figuur). Ook voor het bepalen van de MVO-doelstellingen is het handig om je werknemers te betrekken, zodat iedereen de doelen binnen het bedrijf steunt.

Je MVO-doelstellingen moeten SMART zijn en dus antwoord geven op de wat, waaraan, waarom, welke, en wanneer vragen zoals hierboven is te zien.

Je MVO-doelstellingen moeten SMART zijn en dus antwoord geven op de wat, waaraan, waarom, welke, en wanneer vragen zoals hierboven is te zien.cyffer.nl

Het is belangrijk om te bepalen hoe je momenteel scoort op de verschillende thema’s waaraan je wilt werken. Dit noem je ook wel de nulmeting. Door te bepalen hoe je nu op de thema’s scoort, kun je straks zien of je ook daadwerkelijk vooruitgang hebt geboekt. Daarna schrijf je de visie, missie, duurzaamheidsthema’s en MVO-doelstellingen op in een MVO-plan.

Uitvoeren van het MVO plan

Na het bepalen van de MVO-doelstellingen is het belangrijk om afspraken te maken met de werknemers over wie waarvoor verantwoordelijk is, wat er gedaan moet worden en hoe het gedaan moet worden. Het betrekken van de werknemers is heel belangrijk voor creëren van steun en om ze echt aan de slag te laten gaan met MVO. Laat ze het belang van MVO inzien, nodig ze uit tot meedenken en probeer zoveel mogelijk vragen over MVO te beantwoorden. Zo raken ze meer betrokken bij het thema en is de kans groter dat de MVO-doelen gehaald worden. En is er een grotere kans op creatieve en innovatieve MVO-ideeën. Ook is het belangrijk om ervoor te zorgen dat alle werknemers de juiste hulpmiddelen en voorwaarden te bieden om het MVO-beleid uit te voeren.

Tijdens het uitvoeren van het MVO-plan is het belangrijk om te communiceren over de doelstellingen en maatregelen die je als bedrijf hebt genomen om deze doelstellingen te behalen. Wees ook eerlijk over de problemen en dillema’s waar je tegenaan loopt bij het uitvoeren van je MVO-plan. Hierbij is het belangrijk dat je niet communiceert over hoe goed je bezig bent, maar over hoe ver je bent met het uitvoeren van het MVO-plan. Kortom: wees transparant . Daardoor kun je aan anderen laten zien dat je bedrijf zich bezighoudt met MVO en geeft u stakeholders de gelegenheid hierop te reageren. Ook kunnen ze daardoor meedenken over oplossingen en verbeteringen. Door over je MVO-prestaties te communiceren kun je erkenning krijgen door:

  • Tevreden stakeholders
  • Persaandacht
  • Een betere marktpositie

Er zijn verschillende manieren om over je MVO-plan en doelstellingen te communiceren. Zo kun je ervoor kiezen om met je bedrijf te gaan voor een bepaald keurmerk, waardoor mensen in één oogopslag kunnen zien met welke MVO-activiteiten je als bedrijf bezig houdt. Je kunt er ook voor kiezen om een prestatievergelijking uit te voeren, waardoor je kunt aantonen hoe jouw bedrijf scoort ten opzichte van andere bedrijven binnen jouw sector en/of regio. Veel (grote) bedrijven publiceren een duurzaamheidsverslag waarin ze hun MVO-prestaties en voortgang opschrijven. Een andere manier is om gebruik te maken van publiciteit voor het communiceren over je MVO-prestaties en vooruitgang. Hierbij moet je denken aan mond-tot-mondreclame, een goede recensie op een weblog, of de geluiden van het publiek op social media.

. Je kunt communiceren via een keurmerk (links), een MVO-verslag (midden) en via social media (rechts).

Je kunt communiceren via een keurmerk (links), een MVO-verslag (midden) en via social media (rechts).MSC, Gold Meat & Nieuws Monitor

Evalueren en verbeteren

Na het opstellen en uitvoeren van je MVO-plan is het belangrijk om af en toe te evalueren of je doelstellingen behaald zijn. Dit doe je door te kijken naar hoe je na het uitvoeren van het MVO-plan scoort op de verschillende duurzaamheidsthema’s die je hebt besproken in je plan en waarvoor je doelstellingen hebt opgesteld. Die score kun je daarna vergelijken met de score van je nulmeting. Op die manier zie je of je daadwerkelijk de doelstellingen hebt bereikt en/of vooruitgang hebt geboekt.

Als je aan de slag wilt gaan als bedrijf met MVO, dan kun je de vier bovenstaande stappen volgen. Deze figuur laat ook duidelijk zien dat MVO een continu proces is, je bent altijd bezig met het bepalen van je doelstellingen en het verbeteren/aanpassen van je MVO-plan.

Als je aan de slag wilt gaan als bedrijf met MVO, dan kun je de vier bovenstaande stappen volgen. Deze figuur laat ook duidelijk zien dat MVO een continu proces is, je bent altijd bezig met het bepalen van je doelstellingen en het verbeteren/aanpassen van je MVO-plan.MVO Nederland

Wederom is het belangrijk om open en eerlijk over te communiceren, ook als de doelstellingen niet behaald zijn. Na het evalueren is het van belang om te bepalen hoe je ervoor zorgt dat de behaalde resultaten blijvend zijn en hoe je niet behaalde doelstellingen wilt aanpakken.

Wees ervan bewust dat MVO een continu proces is. Door veranderingen in de omgeving is het soms noodzakelijk om andere duurzaamheidsthema’s in je MVO-plan op te nemen of om duurzaamheidsthema’s in je MVO-plan aan te passen. Dat maakt het dus belangrijk om continu in gesprek te blijven met je stakeholders, want daardoor blijf je op de hoogte van veranderingen in de verwachtingen van je omgeving en blijf je inzicht houden op nieuwe kansen.